DUIVENSCHIETEN

leon-de-lunden-3Op 14 mei 1900 begonnen in Parijs de 2e Olympische Spelen. Het was baron Pierre de Coubertin vier jaar eerder al gelukt de Olympische Spelen weer nieuw leven in te blazen. Door iedereen wordt de Fransman gezien als degene die op het lumineuze idee kwam de oude spelen weer in ere te herstellen, in werkelijkheid komt die eer de Brit William Penny Brookes toe, die al in 1850 een op de Olympische Spelen geïnspireerde toernooi organiseerde. Maar goed, in 1896 slaagde De Coubertin in om te Athene de eerste moderne Olympische Spelen te organiseren. Helaas voor hem bleef de internationale deelname aan die eerste spelen erg beperkt. Hij verzocht daarom in 1900 het evenement te laten plaatsvinden in Parijs, waar dat jaar ook de Wereldtentoonstelling zou worden gehouden. Hij verwachtte dat de spelen daardoor veel meer belangstelling zou krijgen, meer toeschouwers zou mogen ontvangen, dat er een sterk internationaal veld aan deelnemers met elkaar in het strijdperk zou treden en bovenal, dat overheid en bedrijfsleven ruimschoots in de geldbuidel zouden tasten. Dat gebeurde echter niet, waardoor De Coubertin zich genoodzaakt zag de Spelen om te vormen tot een onderdeel van de Wereldtentoonstelling. Daarmee raakte hij de regie over de Spelen steeds meer kwijt.

Daniel Mérillon, die nu verantwoordelijk werd voor de organisatie, besloot al snel dat de Spelen dienst moesten doen als een soort attractie op de Wereldtentoonstelling. Daarom moesten de sportevenementen worden gespreid over een periode van bijna zeven maanden. Daarbij wilde hij dat er naast de traditionele sportonderdelen ook veel bijzondere onderdelen aan de Spelen werden toegevoegd, in de hoop op die manier extra publiek te trekken. De meeste van die onderdelen zouden na 1900 ook nooit meer op Olympische Spelen terugkeren. En dat is bepaald niet jammer te noemen, want op het programma stonden bijzondere onderdelen zoals vissen, onderwater zwemmen, heteluchtballon vliegen, kanonschieten, touwtrekken, hinderniszwemmen, hoog- en verspringen voor paarden en poedels trimmen. Het zijn deze onderdelen die ervoor zorgden dat de Olympische Spelen van 1900 nog steeds te boek staan als de ‘Bizarre Spelen’, een naam die wel voor eeuwig in de boeken zal staan, want het is niet te verwachten dat ooit nog een reeks van dergelijke excentrieke ‘sporten’ op de agenda komt te staan.

leon-de-lunden-1900-shootingMérillon introduceerde bij deze Spelen ook het onderdeel ‘Levende duiven schieten’, waarbij ruim driehonderd duiven ten behoeve van de Olympische gedachte uit de lucht werden geknald. Hoewel jagen op allerlei soorten vogels in die dagen nog een wijd verbreid fenomeen was bij de meeste deelnemende landen, veroorzaakte het bloedige tafereel van honderden duivenlijkjes toch veel beroering.  Zoveel dat de duiven vanaf 1900 een soort beschermde status kregen. Duivenschieten verdween dan ook direct van de sportlijst; vanaf de Spelen in 1912 in Stockholm zou de sport als kleiduivenschieten weer op het programma komen te staan. De echte duiven keerde overigens nog één keer terug op de Olympische Spelen en weer in een weinig benijdenswaardige rol. Bij de openingsceremonie van de Spelen in Seoul in 1984 werden honderden witte duiven gelost in het stadion., die direct de schaal van het Olympisch vuur kozen als ‘meest begeerde zitplaats’. Het ontsteken van het vuur leidde vervolgens tot een ongewenste barbecue.

Bij de Spelen in 1900 werd de gouden medaille gewonnen door de Belg Leon de Lunden (Anderlecht, 5 mei 1856 – Schaarbeek, 13 januari 1947), die maar liefst 21 gevleugelde vrienden neerhaalde. Behalve op de hoogste plaats van het ereschavot, kwam De Lunden op de eerste plaats van de ‘Most Wanted List’, die de Royal Society for the Protection of Birds (RSPB), kort daarvoor had geïntroduceerd. Op de tweede plaats eindigde de Fransman Maurice Faure (20 duiven) en de bronzen medaille werd gedeeld door Donald MacIntosh (Australië) en Crittenden Robinson (Verenigd Koninkrijk), met elk 18 dodelijke schoten. De Lunden,die in 1894 zijn adelserkenning had gekregen, ontving een bedrag van 20.000 Franse frank, maar was zo sportief dit te delen met de drie andere medaillewinnaars. Gentlemen onder elkaar immers. Bij het naspeuren van enige informatie over Leon de Lunden stuitte ik op een wat tragisch-komisch zinnetje op een genealogie-site: ‘Hij trouwde in 1881 met Anna Vanvolsem (1860-1929) en hertrouwde in 1930 met Marguerite Jacobs (1873-1950). Uit het eerste bed heeft hij afstammelingen tot heden, met nochtans risico op toekomstig uitdoven, bij gebrek aan nieuwe geboorten.’ En nog een aardigheidje waar je zomaar op stuit: er blijkt een Amerikaanse actrice, fotomodel, muzikante, politica en filmmaakster te zijn met de mooie naam Lunden de’Leon. Heel mooi pseudoniem. Zou ze ook aan (klei-)duivenschieten doen?.
.
Twee staatsieportretten van de winnaar, om de middelste geflankeerd door Fauré en MacIntosh. Rechts in actie bij de Spelen.
leon-de-lunden-1leon-de-lunden-2-met-faure-en-macintoshleon-de-lunden-4

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: