LA GRANDE BOUCLE 10

012a SijenDe Maastrichtenaar Huub Sijen (geboren op 21 november 1918), die overigens in eigen streek de roepnaam Sjaak had, was voor de oorlog een van de beste Nederlandse wegrenners, maar zijn veelbelovende carrière werd door het uitbreken van de oorlog voor een groot aantal jaren onderbroken. In de Tour van 1939 viel hij uit in de negende rit. Acht jaar later starte hij voor de tweede keer en moet toen in de achtste rit opgeven. Bij zijn derde poging in 1949 zal de Tour er in de zesde rit voor hem op. De wielersport werd jarenlang verstoken van internationale competitie en dat was zeker voor renners die een aardig stukje bergop konden rijden een enorme tegenvaller. Sijen was een van de renners voor wie dat gold. In 1937 en 1938 werd hij als onafhankelijk wielrenner eerste bij het nationaal kampioenschap op de weg en in 1938 won hij de wedstrijd Jemeppe-Namen. Sijen heeft indruk gemaakt en krijgt een contract aangeboden bij Helyett-Hutchinson, een Franse wielerploeg die echter veel Belgische en ook een paar Nederlandse renners onder contract had staan. Dat hij in het heuvelachtige landschap goed uit de voeten kon bewees hij in 1939, toen hij als eerstejaars profrenner tweede werd in de Waalse Pijl. Een paar maanden later werd hij 24e in Parijs Roubaix. Begin 1940 haalde hij de elfde plaats in de Ronde van Vlaanderen.

In 1939 mocht Sijen als negentienjarige in de acht man sterke Nederlandse ploeg debuteren in de Tour, samen met provinciegenoot Jan Lambrichs die met een achtste plaats in de eindklassement een daverende prestatie neerzette. De prestaties van Sijen waren bescheidener. Geen topklasseringen, maar hij wist zich zowel op het vlakke als in de bergen steeds keurig in de middenmoot te handhaven. In de negende etappe (Pau-Toulouse, 311 km) werd hij in de afdeling van de Aubisque door een volgauto aangereden, kwam daardoor zwaar ten val en moest de Tour vroegtijdig verlaten. Het duurde acht jaar voor hij weer aan een Tour kon meedoen. In 1947 dwong pech hem opnieuw op te geven, dit maal in de achtste etappe (Grenoble-Briancon, 185 km over de Glandon, Croix de Fer, Télégraphe en Galibier). In 1949 moest Sijen vanwege ziekte al in de zesde etappe opgeven.

Op zijn palmares staan twaalf overwinningen en een aantal topklasseringen. Zo eindigde hij in de jaren 1942, 1944, 1946 en 1948 bij het Nederlands kampioenschap op de weg op het podium, maar dus telkens net niet op het hoogste treetje. In de oneven jaren 1945, 1947 en 1949 kwam hij bij het kampioenschap steeds bij de eerste tien binnen. Bij het wereldkampioenschap van 1948 in Valkenburg, een thuiswedstrijd dus, werd hij tiende. Hij eindigde ook net na de winnaar in etappes in de Ronde van Nederland (1948) en de Ronde van Romandië (1948) en zat hij vooraan in Luik-Bastenaken-Luik (5e in 1945) en de Ronde van Vlaanderen (15e in 1946). In 1946 reed hij ook nog de Ronde van Spanje, maar blijkbaar waren de grote wielerrondes niet aan hem besteed. Ook hier moest hij vroegtijdig te koers verlaten.

012a Nederlandse Tourploeg 1939 met Huub Sijen en Andre de Korver
De Nederlandse ploeg voor de Tour 1939, vlnr Huub Sijen, André de Korver, Jan Gommers, Jef Dominicus,
Jan Lambrichs, Janus Hellemons, Antoon van Schendel en Albert van Schendel.

Een groot gedeelte van zijn wielercarrière heeft Sijen noodgedwongen als individuele renner gereden. Na zijn eerste profjaar in 1939 bij Helyett-Hutchinson moest in van 1940 tot 1945 weer als individuele renner zijn premies zien te verdienen. In 1946 vond hij kortstondig onderdak bij Bloc Centauro, een kleine Nederlandse ploeg met vooral Limburgse renners. In de jaren 1947, 1948 en 1951, zijn laatste jaar als beroepsrenner, rijdt hij echter weer individueel. In 1949 en 1950 reed hij voor de Magneet-ploeg, een Nederlandse ploeg van de Rijwielen- en Motorenfabriek Magneet NV uit het Noord-Hollandse Weesp (in 1969 overgenomen door Batavus). Het bedrijf bouwde vanaf de dertiger jaren ook racefietsen en was de sponsor van de eerste Nederlandse wielerploeg met onder meer Wout Wagtmans en Wim van Est. En dus ook Huub Sijen, twee jaar lang. Zijn langste dienstverband in het wielercircuit. Bijna twee jaar lang om precies te zijn, want in de week van 30 juli t/m 6 augustus 1949 maakt hij samen met Jefke Janssen en Jan Lambrichs deel uit van de Zwitserse Heimann-ploeg, genoemd naar de broers Edouard en Armin Heimann. In 1950 reed hij nog een jaartje voor Ceylon-Joco-Pontiac, een Nederlandse ploeg waarvan ook Gerrit Voorting, Wim van Est en Wout Wagtmans deel uitmaakten.

Sijen stopte met zijn wielercarrière in 1952. Daarna werd hij in Maastricht kastelein in zijn eigen café. Zonder twijfel zal zijn plaatsgenoot Jean Nelissen daar vaak even een praatje hebben gemaakt. Gekoppeld aan een vleugje Limburgs chauvinisme van Nelissen kan dat verklaren waarom hij in 1999 op diens lijst van beste 100 Nederlandse renners op een eervolle 69e plaats stond, nog vóór renners die Touretappes, Nederlandse kampioenschappen en zelfs wereldtitels wonnen. Dat lijkt dus iets te veel eer voor Huub Sijen, maar toont aan de andere kant wel aan hoe talentrijk hij geweest moet zijn. Huub Sijen overleed op 20 februari 1965, pas 47 jaar oud. Zijn kleinzoon Danny Sijen was eind negentiger jaren een paar jaar beroepswielrenner.

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: