LA GRANDE BOUCLE 11

266px-Lucien_Buysse_Paris-Roubaix_1919De Tour de France van 1926, met 5.745 kilometer de langste uit de Tourgeschiedenis en om die reden alleen al memorabel, is vooral blijven voortleven door de historische tiende etappe op 6 juli van Bayonne naar Luchon over 326 kilometer. Deze rit voerde over de vier traditionele Pyreneeëncols: de Aubisque, de Tourmalet, de Aspin en de Peyresourde. De legendarische Karel Van Wijnendaele schreef er later in zijn Mensen & dingen uit de Ronde van Frankrijk over: “Die Bayonne – Luchon is nu ook de vreselijkste rit, die we ooit hebben gevolgd en beleefd! ’t Was verschrikkelijk! … Om 3 uur ’s morgens begon het te regenen. En ’s anderendaags morgens om 3 uur, als de laatste renner binnen liep te Luchon, regende het nog altijd even onbarmhartig voort!” Hij maakt vervolgens de onvermijdelijke vergelijking met de zondvloed. Meer dan zeventien uur had de Belgische ritwinnaar Lucien Buysse nodig voor deze helse tocht. Gele truidrager Van Slembroeck kon het controleblad niet tekenen, omdat zijn vingers te stram waren: “Karel, ’t is teveel! Zelfs niet voor een miljoen krijgt men van mij nog gedaan wat ik vandaag heb verricht!” De arme Van Slembroeck verloor die dag bijna twee uur. Als laatsten bereikten de ‘onafhankelijken’ Tesi en Besnier de Allée d’Étigny in Luchon. Ruim vijf en een half uur na Buysse. Liefst 22 van de in Bayonne gestarte 76 renners zouden niet vertrekken voor de elfde etappe. Een daarvan was de Italiaan Ottavio Bottecchia, een jaar eerder nog de glorieuze winnar van de Tour. Van Wijnendaele: “Die ganse nacht heb ik in de controle overgebracht, en renners zien toekomen. En er zo oneindig veel medelijden mee gehad. Nooit tevoren gezien in een koers. Ook nooit meer nadien.”

Lucien Buysse, de winnaar van de legendarische etappe, werd op 11 september 1892 geboren als zoon van een vlashandelaar in Wontergem en jongere broer van Marcel, wiens oude fiets hij kreeg. ,,Na de middag mag jij ook koersen”, zei vader Ivo, ,,als je eerst goed je best hebt gedaan aan de zwengelmolen.” Zijn wielerloopbaan begon in 1914, toen hij in de Ronde van Frankrijk van start ging, maar de eindstreep niet haalde. Na de Eerste Wereldoorlog kwam hij in 1919 weer terug in de Tour, maar stapte wederom onderweg af. Het jaar daarop behaalde hij wel een derde plaats in de klassieker Parijs-Roubaix. In 1923 reed hij de Ronde van Frankrijk wel uit en eindigde op een achtste plaats. In de edities van 1924 en 1925 reed hij in de Franse ploeg Automoto voor kopman Ottavio Bottecchia. Hij werd derde in 1924 en, na een heftige discussie met Bottecchia, tweede in 1925 achter de Italiaan. De Tour van 1926 was de langste in de geschiedenis (5745 km), met 17 etappes van gemiddeld 338 km. Lucien Buysse – zijn broers Jules en Marcel waren ook in koers -, nam in de tiende etappe de leiding door tijdens een geweldige sneeuwstorm op de Col d’Aspin in de Pyreneeën de aanval te kiezen, waardoor hij bijna een uur voor kwam te liggen op zijn kopman Bottecchia. Bottecchia stapte af en Buysse arriveerde in Parijs als winnaar. Lees hierover meer in onderstaand artikel.
Hij reed lang in Italië bij Bianchi voor een Italiaanse kopman, maar kon in de jaren ’20 de Tour rijden in dienst van de Franse broers Pélissier, met wie hij voortdurend overhoop lag, en de Italiaan Bottecchia, die hij in 1925 ongetwijfeld had kunnen verslaan. ,,Ik had vijf Tours kunnen winnen”, zei Buysse achteraf. Want in 1927 en 1928 neemt zijn team niet deel door een conflict met de Tourdirectie. In 1929 moest hij van zijn ploegleider op de Tourmalet weer eens wachten op Charles Pélissier. Buysse maakte inderdaad rechtsomkeert, reed de jongste Pélissier straal voorbij richting Lourdes en wordt daar ontslagen. Lucien Buysse won in zijn loopbaan in totaal vijf Touretappes: een in 1923, twee in 1925 en twee in 1926.
Lucien Buysse, die lange tijd Hotel de l’Aubisque exploiteerde in Deinze, overleed op 3 januari 1980. Hij was 87 jaar. Er is een Lucien Buysse Comité opgericht om ervoor te zorgen dat Lucien Buysse nooit vergeten wordt. Het comité zorgde onder ander voor de verwezenlijking van het standbeeld in het geboortedorp van Lucien, namelijk Wontergem. Het beeld werd ontworpen door José Mestdagh en ingehuldigd in 2003. Sinds 7 juni 2010 staat er ook een borstbeeld aan de voet van de Col d’Aubisque in Béost (Frankrijk) geschonken door Marnix Tijtgat. Verder verscheen er in 2006 ook een boek, genaamd “De Rots Lucien Buysse”

565px-Lucien_BuysseOp 10 juli 2003 schrijft Mark Mercy, redacteur van het Belgische dagblad De Standaard, bij de herdenking een honderd jaar Tour de France het volgende artikel over de legendarische rit.

Nachtelijke zoektocht naar Verdwaalde coureurs
,,In een ware zondvloed hebben onze jongens een wonderbaarlijke energie betoond. In een ijselijke koude die hen gruwelijk deed lijden, hebben zij het werkelijke martelaarschap ondergaan. Sommigen staken vuurtjes aan om zich te verwarmen, maar ik heb ook mannen gezien die hun bevroren handen opwarmden door… Hoe zal ik het zeggen? U heeft mij ongetwijfeld begrepen.” Dat schreef de organisator van de Tour, Henri Desgrange, na de rit Bayonne-Luchon in 1926, zonder twijfel een van de meest memorabele etappes uit de Tourgeschiedenis. Als u het niet begrepen had, de coureurs plasten op hun handen.
Na de eerste rit krijgt Lucien Buysse in zijn hotel een telefoontje met felicitaties van sponsor Automoto. Hij moet hen echter zeggen dat het een vergissing is. Niet hij, maar zijn broer Jules heeft de eerste rit gewonnen. Erger nog: Lucien Buysse verloor die dag 26 minuten. De man die in 1924 derde en in 1925 tweede eindigde, en nu een van de grote favorieten was, lijkt de Tour al te hebben verloren. Eigenlijk wilde Lucien liever niet starten, want twee weken eerder was zijn dochter Lucienne gestorven door een hersenvliesontsteking. Zijn familie -de beruchte coureursfamilie Buysse – dringt erop aan om toch deel te nemen en na die desastreuze eerste rit, hervindt hij zijn moed. ,,Ge moet u geen zorgen maken over die achterstand voor de bergen”, meldt hij het thuisfront. ,,Het komt allemaal in orde, want straks beginnen we aan Bayonne-Luchon en rijd ik de klassering op zijn kop. Als ’t God belieft!”
Of God Buysse nu echt goed gezind was, is een ander paar mouwen, maar de bijna 34-jarige vader van vier kinderen, zou op 6 juli inderdaad een van dé prestaties uit de Tourgeschiedenis neerzetten. Het regende die nacht toen de coureurs in Bayonne klaarstonden voor de tiende rit. Maar vooral, het was bitter koud. De renners deden regenjassen aan, maar ook wollen sjaals, wollen beenbeschermers en dikke handschoenen. ,,Als het hier al zo koud is”, dacht Henri Desgrange toen hij om twee uur ’s nachts het startschot gaf. ,,Wat gaat dat boven in die bergen zijn?” De Tourorganisator mocht dan wel de reputatie hebben ervan te dromen dat ooit eens slechts één coureur Parijs zou halen, hij was toch niet helemaal gerust in de zaak.
De regen werd stortregen en de coureurs waren onmiddellijk compleet doorweekt. In de bergen hing mist en halfweg de Aubisque begon het te sneeuwen. De wegen werden heuse modderstromen waar de wagens zich in vastreden en de coureurs moesten doorploeteren. Niettemin viel Nicolas Frantz aan. Lucien Buysse reageerde en liet de Luxemburger snel achter. Een beetje later was de Tour al twee favorieten kwijt: Adelin Benoit viel in een afdaling en Ottavio Bottecchia, de winnaar van 1924 en 1925, werd bibberend van de kou aan de kant opgepikt terwijl de modder door de tranen van zijn aangezicht werd gespoeld en hij morta, morta ijlde. Ondertussen zet Buysse –onversaagd zoals dat heet –zijn heldentocht voort. Hij wordt nog wel even bijgehaald door Berten Dejonghe en in de afdaling van de Tourmalet slipt hij, valt in het ravijn, maar komt toevallig op een klein plateau terecht.
,,Hij kijkt naar zijn knie die hevig begint te bloeden, grijpt zijn koerspet en wrijft eens duchtig over de wonde, komt tot de vaststelling dat hij al veel erger aan zijn benen gezien heeft, grabbelt zijn fiets beet, klautert weer naar de rijweg, faalt de eerste keer om in het zadel te komen, maar de tweede poging is een goeie. Lucien heeft iets geleerd: nog voorzichtiger zijn in de spekgladde bochten want aan het einde van die mistige, drijfnatte en winterse dag moet ergens voor hem de zon in alle hevigheid schijnen”, schrijft Jan Cornand in Gouden Lucien Buysse, het epos van de ‘kleene’ Flandrien.
Na 17 uur en 15 minuten afzien komt Buysse in Luchon aan. Hij heeft na 326 kilometer meer dan 25 minuten voorsprong op de Italiaan Aimo. Bij zonsondergang zijn nog maar 16 van de 76 gestarte renners gearriveerd. En wanneer om middernacht nog altijd coureurs ontbreken, denkt Desgrange met een bang hart aan de verhalen die de ronde deden over beren in de Pyreneeën toen hij zestien jaar eerder de renners voor het eerst over de Tourmalet stuurde. Hij trommelt alle autobezitters op om de coureurs te gaan zoeken. Van wat er toen gebeurde, bestaan twee versies.
Ofwel werden de renners teruggevonden in cafés, berghutten en zelfs kloven en grotten, waar ze bescherming zochten tegen de kou. Maar een minder prozaïsch verhaal zegt dat een groep renners in Bagnères de Luchon de bus nam en zonder het controleblad te tekenen –omdat ze dachten toch te laat te zijn –hun hotel opzochten. Dat kwam pas aan het licht toen de chauffeur van de autobus bij de organisatoren eiste dat zij voor de rit zouden betalen.
Uiteindelijk mochten de 54 renners die in Luchon raakten voort deelnemen van de anders zo hardvochtige Desgrange, die zelfs in een extra rustdag voorzag. Iets wat Lucien Buysse niet nodig had, want hij viel weer aan, reed 150 kilometer alleen aan de leiding en legde de 323 kilometer af met een gemiddelde snelheid van 33 km per uur, zodat in Perpignan geen volk en geen bloemen klaarstonden.

Lucien Buysse bij de beklimming van de Tourmalet in de etappe Bayonne-Luchon, 1926
1926-Buysse-sul-Tourmalet

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

3 thoughts on “LA GRANDE BOUCLE 11

  1. Pingback: LA GRANDE BOUCLE 11 | MUIZENEST

  2. Pingback: LA GRANDE BOUCLE 13 | MUIZENEST

  3. Pingback: LA GRANDE BOUCLE 15 | MUIZENEST

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: