ALS JE DE TOUR NIET HEBT GEREDEN

Sinds vorige week is het derde deel uit van de trilogie ‘Als je de Tour niet hebt gereden…’ van Fred van Slogteren. En het is weer een kloek boek, maar liefst 536 pagina’s met wat algemene Tourgeschiedenis, een presentatie van de zeven Nederlandse ploegen die in de periode 1987-2017 in de grootste wielerkoers ter wereld mochten opdragen en de 86 Nederlandse coureurs die in dezelfde periode aan de start stonden. In zijn totaliteit omvatten de drie boeken 1.488 pagina’s, 11 hoofdstukken Tourgeschiedenis, uitgebreide beschrijvingen van de 18 Nederlandse ploegen die ooit deelnamen en rijkelijk geïllustreerde biografieën van alle 251 Nederlandse deelnemers vanaf 1936. Een waar meesterwerkje van de auteur en van de uitgever. Een onmisbaar naslagwerk voor elke oprechte wielerliefhebber.

Over de auteur
Fred van Slogteren begon in 1996 na een carrière als copywriter en bedrijfsjournalist een tweede leven in de wielerjournalistiek. Hij werkte voor diverse kranten en wielertijdschriften. Hij is dagelijks met de populaire site wielersport.slogblog.nl. op internet actief. Van zijn hand verschenen eerder gedetailleerde biografieën van wielergrootheden als Peter Post, Jan Janssen, Joop Zoetemelk en Jan Raas. Van Slogteren publiceerde in 2003 Wielerhelden van Oranje, het jubileumboek van de toen 75-jarige KNWU.

Voorwoord bij deel 1
Waarom hebben er niet vanaf het begin Nederlandse renners aan de Tour deelgenomen? Waarom pas in 1936? Hoe goed waren de renners toen? En de ploegleiders? Televizier en Caballero, wat waren dat voor ploegen? Hoe zat het met het materiaal en de verzorging? De antwoorden op die vragen en nog veel meer vindt u in dit boek over de geschiedenis van Nederland in de Tour de France. Hoewel het evenement onverminderd populair is, heeft het imago van de beroepswielrenner de laatste jaren door de vele schandalen grote deuken opgelopen. Valsspelers, slikkers, spuiters, criminelen, het is allemaal gezegd en geschreven. Maar is dat terecht? Het is in ieder geval van alle tijden, met alle ellende van dien. De omstandigheden, de begeleiding en de mentaliteit van ploegleiders, artsen, verzorgers is echter minstens zo dubieus, zo niet nog erger. Natuurlijk hadden de renners hun eigen verantwoordelijkheid, maar hoe kwalijk kun je het jonge jongens, op de grens van volwassenheid, nemen die zich zonder veel schoolopleiding lieten meeslepen, en bewust of onbewust grenzen overschreden? In welk beroep komt dat niet voor?
Voor wie de totale levensloop van de eerste honderd Nederlandse Tourhelden in ogenschouw neemt, ontstaat een heel ander beeld. Bij vele van hen gingen de jaren rimpelloos voorbij, maar er waren ook grote drama’s en menselijk leed. Ook al was niet iedereen een winnaar, kampioen, of een held die tot de verbeelding sprak, het waren stuk voor stuk heel goede renners, in hun tijd de fine fleur van het vaderlandse wielerpeloton.
Al die andere wielrenners die van de Tour droomden, maar die hem niet hebben gereden, relativeren hun eigen wielerprestaties dan ook vaak met de woorden: “Als je de Tour niet hebt gereden, ben je niet echt wielrenner geweest!”

Voorwoord bij deel 2
Groot was het ongeloof toen Jan Janssen in 1968 de Tour de France won. Een Nederlandse renner die de Tour wint! Onvoorstelbaar! Dat er daarna een generatie zou komen die eind zeventig en begin jaren tachtig de ene overwinning na de andere in grote koersen behaalde, kon niemand zich voorstellen. De successen van Zoetemelk, Kuiper, Knetemann en Raas hadden een geweldige impact, de belangstelling voor de wielersport was immens. De Nederlandse wielerliefhebbers verkeerden in een euforie en hadden weinig oog voor de iets mindere renners, die ook een aandeel leverden in de successen door etappes te winnen of de zeges van bovengenoemd viertal mogelijk te maken. Ook zij waren een of meerdere malen Tourdeelnemer en kijken daar nog graag op terug. Ze hebben misschien een minder imponerende erelijst maar ze hoorden er helemaal bij. Ooit waren ze de held van hun dorp of stad omdat ze op de startlijst stonden van de Tour de France, de wielerkoers aller wielerkoersen. Hoe zeer dat ook onder wielrenners telt, wordt bewezen door het feit dat al die anderen, die van de Tour droomden maar hem niet hebben gereden, hun eigen wielerprestaties vaak relativeren met de woorden: “Als je de Tour niet hebt gereden, ben je niet echt wielrenner geweest!”

Voorwoord bij deel 3
Na de ongekende successen van de Nederlandse wielrenners in de zeventiger en tachtiger jaren, begon vanaf omstreeks 1990 een lange periode met weinig opzienbarende resultaten. Natuurlijk, ook in die magere jaren van de Nederlandse wielersport waren er aansprekende renners. Renners als Breukink, Theunisse en in een latere fase Boogerd hielden steeds weer een beetje de hoop levend dat een Nederlandse Tourzege niet onmogelijk was. Verder waren er de overwinningen van rassprinters als Blijlevens en Van Poppel. Maar het werd steeds duidelijker dat de Nederlandse renners van alle kanten door hun buitenlandse concurrenten voorbij werden gereden. En dat was niet perse omdat ‘onze jongens’ minder talent hadden. Voor de vaderlandse wielersport waren het magere jaren, maar voor de internationale wielersport waren het donkere jaren. De wielersport in het algemeen en de Nederlandse wielersport in het bijzonder is echter weer uit het dal geklommen. De aanpak van Rabobank heeft recent haar vruchten afgeworpen. Nederland barst ineens van de renners die een grote ronde kunnen winnen of minstens in de top van het klassement te vinden zijn. Nadat Kruijswijk in 2015 de Giro al bijna won, lukte het Dumoulin in 2017 in de voetsporen van Janssen en Zoetemelk te treden. Voor steeds meer renners wordt het rijden van een Tour de France een aantrekkelijke uitdaging, waarbij ook voor hen, net als voor de voorgaande generaties, geldt: “Als je de Tour niet hebt gereden, ben je niet echt wielrenner geweest!”

En verder….
De eerste lovende reacties op het derde boek zijn inmiddels ontvangen. Het boek is in de maand december slechts verkrijgbaar via het Slogblog of rechtstreeks via uitgeverij Sylfaen en nog wel tegen een gereduceerd tarief van € 25,95 inclusief verzendkosten (voor Nederland). Vanaf 2 januari 2018 is het in de reguliere boekhandel verkrijgbaar, tegen de vaste van van € 29,95 (excl. verzendkosten).
De komende drie dagen drie voorproefjes uit de drie boeken, van de nummer 3 (Theo Middelkamp) tot de laatste, nummer 251 (Marco Minnaard) en degene die halverwege bivakkeert, nummer 126 (Roy Schuiten).

 

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: