DE NUL-BEWEGING

Nederland
De Nul-beweging werd gevormd in 1960, door Jan Schoonhoven, Armando, Jan Henderikse, Herman de Vries en Henk Peeters. Deze vier leden van Nul vormden van 1958 tot 1960 (vóór het ontstaan van de Nul-groep) samen met Kees van Bohemen de Nederlandse Informele Groep. De Nul-groep bestond tot 1965. Ze ontstond in een internationale context van Zero in Duitsland, Azimuth in Italië en het nouveau réalisme in Frankrijk. De werken van de Nul-groep zijn bij uitstek ‘anti-schilderkunstig’. Traditionele materialen als verf en steen werden vervangen voor veelal industriële materialen. Nul kan worden gezien als een reactie op de informele schilderkunst uit de jaren 1950, waarvan de kenmerken zijn dat er geen plan vooraf wordt gebruikt en geen schoonheidsideaal wordt nagestreefd.

In zijn algemeenheid kan gesteld worden dat het werk van Nul zich kenmerkt door:
Monochromie: Veelkleurigheid maakt plaats voor gebruik van enkele kleuren, vaak zwart en rood (Armando) en wit (Jan Schoonhoven en Henk Peeters)

Herhaling: Nul hield van ritme en regelmaat. Herhaling van gelijkvormige elementen binnen een voorstelling is typisch ‘Nul’. Denk hierbij aan de repeterende vormen in de reliefs van Schoonhoven en de reliefs van kurken en centen van Jan Henderikse.
Serialiteit: Het authentieke kunstwerk werd door Nul doodverklaard. De moderne tijd en industriële materialen werden daarentegen omarmd. De machinale reproductie van ‘kunstproducten’ was typisch Nul. Met uitzondering van Jan Schoonhoven maakten alle leden multiples (serieproducten).
Directheid van materiaal: Een Nul-werk moest een ‘objectief-neutrale weergave van de werkelijkheid’ zijn, aldus Jan Schoonhoven. Het handschrift van de kunstenaar moest dan ook zo veel mogelijk worden vermeden. Dit werd onder andere bereikt door ‘onbemiddelde presentatie’: materialen, vaak objecten, werden zonder bewerking of toevoeging als ‘kunstprodukt’ gepresenteerd. Hier is duidelijk sprake van een referentie aan de readymade van Marcel Duchamp.

De belangrijkste vertegenwoordigers van de Nul-beweging zijn: Armando, Jan Henderikse, Henk Peeters, Jan Schoonhoven, Herman de Vries, Stanley Brouwn (Nederland), Pol Bury, Walter Leblanc, Jef Verheyen, Paul Van Hoeydonck (België).

Duitsland
Zero
is een beweging in de moderne kunst in de periode van 1958 tot 1966.
In 1958 werd door de Duitse kunstenaars Heinz Mack en Otto Piene in Düsseldorf de groep ZERO opgericht. Het was een Europese variant van Colorfield Painting. Zero-kunstenaars werkten echter meestal monochroom, vaak met wit. Ze streefden naar een nieuwe harmonie in de verhouding tussen mens en natuur, en vermeden in hun kunst individuele sporen. De benaming Zero moest herinneren aan het aftellen voor de lancering van een raket. De Zero-groep onderhield talrijke internationale contacten, onder anderen met de Italiaan Lucio Fontana, de Fransman Yves Klein (die het belang van de pure kleurwaarneming beklemtoonde) en de Zwitser Jean Tinguely (kinetische kunst, roterende objecten). In Nederland werd Zero vertegenwoordigd door de leden van de Nederlandse Nul-beweging. De Zero-groep viel in 1966 uiteen.
Zero sluit aan bij het constructivisme en vertoont verwantschap met de op-art. Volgens de kunsthistorica Anny de Decker die trouwde met Bernd Lohaus en in Antwerpen de Wide White Space galerie bedreef, kan Zero worden beschouwd als een voortzetting van de geometrisch abstracte kunst.
De kenmerken van Zero zijn licht, beweging en monochrome schilderkunst. Om met licht en schaduw te spelen maken de kunstenaars vaak gebruik van spijkers (Günther Uecker), reliëf en geribbelde oppervlakten. Er is geen scherpe grens meer tussen schilderkunst en beeldhouwkunst. Men streeft ook naar een symbiose tussen natuur, kunst en techniek, een immaterieel effect en ruimtelijke expansie.
De belangrijkste kunstenaars van Zero zijn: Duitsland: Bernard Aubertin, Hermann Bartels, Hermann Goepfert, Gerhard von Graevenitz, Gotthard Graubner, Hans Haacke, Oskar Holweck, Adolf Luther, Heinz Mack, Otto Piene, Uli Pohl, Hans Salentin en Günther Uecker.

Frankrijk
Het nouveau réalisme was een stroming binnen de beeldende kunst in Europa van de jaren 1960. Op 14 april 1960 schreef de Franse criticus Pierre Restany in zijn eerste Manifeste du Nouveau Réalisme, te Milaan: ‘De traditionele middelen zijn uitgeput; er is geen andere reactie mogelijk dan de afschaffing van het schilderij…’ In het tweede manifest, dat het jaar daarop verscheen, verklaarde hij: ‘De nieuwe realisten zien de wereld als een schilderij, een groot fundamenteel waarvan zij zich wezenlijke fragmenten eigen willen maken’. Een eerste collectieve manifestatie vond plaats tijdens het Festival d’avant-garde, te Parijs in november-december van 1960. Daarop volgde in mei 1961 een tweede expositie, in de ‘Galerie J.’, met het thema Quarante Degrés au-dessus de Dada. De ‘nieuwe realisten’ exposeerden vervolgens in juni te Stockholm en in juli te Nice. In 1961 en 1962 werd aan hun werk een speciale zaal gewijd tijdens de Parijse Salon Comparaisons. In juli 1961 waren ze te zien op de expositie Paris-New York van de Galerie Rive droite en in juni 1962 op de expo Donner à voir I van de Galerie Creuze. De kunstenaars geconfronteerden de kijker met de hun bewerkingen van alledaagse dingen uit de urbane omgeving. Restany filosofeerde over la poésie d’une civilisation urbaine. De beweging werd opgeheven te Milaan, in 1970.

De groep werd officieel opgericht op 27 oktober 1960 en bestond uit Armand Fernandez (Arman), François Dufrêne, Raymond Hains, Jacques Villeglé, Wolf Vostell, Yves Klein, Martial Raysse, Daniel Spoerri, Jean Tinguely, Mimmo Rotella, en César Baldaccini (César).

Rest van de wereld
Later sloten zich talrijke andere kunstenaars zich aan bij de ‘nieuwe realisten’. Niki de Saint Phalle (Frankrijk), Christian Megert, Daniel Spoerri, Jean Tinguely (Zwitserland), Christo (Bulgarije) en Jesus Rafael Soto (Venezuela).
In Italië stonden de nieuw realisten bekend onder de naam Azimuth-groep. De bekendste kunstenaars hier waren: Agostino Bonalumi, Enrico Castellani, Giani Colombo, Dadamaino, Piero Dorazio, Lucio Fontana, Francesco Lo Savio, Piero Manzoni, Almir Mavignier, Turi Simeti, Nanda Vigo (Italië).
Ook Japan kende onder de naam Gutai-bewegingeen omvangrijke groep ‘nieuwe realisten’: Akira Kanayama, Yayoi Kusama, Sadamasa Motonaga, Saburo Murakami, Shozo Shimamoto Kazuo Shiraga, Atsuko Tanaka, Tsuruko Yamazaki, Jiro Yoshihara, Michio Yoshihara (Japan)

De tentoonstelling Zero in het Stedelijk Museum te Amsterdam.

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

One thought on “DE NUL-BEWEGING

  1. Pingback: JAN HENDERIKSE – 2 | MUIZENEST

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: