ODALISKEN – 023

Édouard Debat-Ponsan (Toulouse, 25 april 1847 – Paris, 29 januari 1913) was een Franse schilder, die bekendheid verwierf vanwege zijn grote allegorische werken, zijn realistische werken van het leven op het platteland en zijn oriëntalistische werken. Zijn schilderijen van het plattelandsleven, wat in de periode 1830-1840 zeer populair was, zitten in de overgangsperiode van het idealistische, dromerige beeld over het landelijke leven en het militante realisme dat iets later onder invloed van Gustave Courbet de boventoon ging voeren. Zijn allegorische werken hadden vaak een politieke ondertoon. Zijn Un matin devant la porte du Louvre uit 1880 toont Catherine de Medici die onbewogen de slachtoffers bekijkt van de Bartholomeusnacht (ook wel de Parijse bloedbruiloft genoemd), was een massale moordpartij op de hugenoten (Franse protestanten), die te Parijs plaatsvond in de nacht van 23 op 24 augustus 1572. In de loop van de daaropvolgende maanden verspreidde zich een golf van geweld over heel Frankrijk, waarbij uiteindelijk tussen de 5.000 en 30.000 hugenoten de dood zouden vinden. Het werk wordt algemeen gezien als een verwijzing naar de bloedige manier waarop slechts negen jaar eerder de Parijse Commune werd neergeslagen. Debat-Ponsan was een leerling van Alexander Cabanel, die hem opleidde in de academische kunst. Dat was een stijl van beeldhouwen en schilderen die ontstond door de invloed van de Europese kunstacademies en universiteiten en gedurende de 19e eeuw onder invloed stonden van de Franse Académie des Beaux-Arts. Cabanel heeft een indrukwekkende lijst van schilders onderricht in de beginselen van de schilderkunst. Hij was nauw verbonden aan de Parijse Salon en van daaruit een van degene die Manet en andere impressionisten verhinden in de Salon hun werken tentoon te stellen. In navolging van Cananel schilderde Debat-Ponsan vele portretten van het welgestelde deel van de Parijse bewoners. Hij schilderde ook veel historische taferelen. Hij was een republikein en orlogsveteraan uit de Frans-Duitse oorlog in 1870, wat hem aanzette fel te strijden voor de rehabilitatie van de veroordeelde en verbannen kapitein Alfred Dreyfus. Hij schilderde hiervan het allegorische schilderij Vérité sortant du puits, dat hij later aan Émile Zola schonk. In 1887 reisde hij naar Italië dankzij een bedrag van 4.000 franc dat de Academie hem had geschonken. De bezoeken aan de Italiaanse musea inspireerde hem ook portretten te gaan schilderen. In 1882-1883 maakte zij samen met zijn twee zwager Jules-Arsène Garnier en Henri-Eugène Delacroix (niet de beroemde schilder) een reis naar Istanboel. Daar maakte hij zijn beroemdste werk Le Massage, Scène de Hammam, dat niet te bewonderen is in het Musée des Augustins in Toulouse.

.

Dit item was geplaatst door Muis.
%d bloggers liken dit: