ARVO PÄRT

Arvo Pärt (Paide, 11 september 1935) is een Estse componist, die geldt als een van de belangrijkste hedendaagse componisten van gewijde muziek. Hij kreeg zijn eerste muzieklessen toen hij zeven jaar oud was. Van 1957 tot 1963 volgde Pärt een opleiding aan het conservatorium van Tallinn, waar hij compositieles kreeg van Heino Eller, een Estse componist en muziekpedagoog. Zijn eerste composities dateren uit zijn studietijd. Necrolog, zijn eerste orkestwerk, was erg gebaseerd op de twaalftoonstechniek van Arnold Schönberg, waarmee het toenmalige Sovjetregime bepaald niet gelukkig was. Vanaf 1962 (zijn laatste studiejaar) tot 1974 componeerde hij de muziek voor animatiefilms en kreeg hij een baan als klankregisseur bij de radio van Estland. Daarnaast ging hij door met componeren. Pärt experimenteerde na zijn studie met diverse compositietechnieken en schreef aanvankelijk vooral seriële muziek. Volgens zijn biograaf Paul Hillier raakte hij hierna in een spirituele en professionele crisis. Hij ging op zoek naar andere muziek en bestudeerde gregoriaanse muziek en de opkomst van de polyfonie (meerstemmige muziek) in de renaissance. In die tijd trad hij toe tot de Russisch-orthodoxe Kerk. In 1968 componeerde hij het werk Credo voor piano, koor en orkest, wat hem opnieuw in conflict bracht met het antireligieuze regering van Sovjet-Rusland waartoe Estland dan nog steeds behoorde. Hij trok zich terug om middeleeuwse muziek te bestuderen, waaronder die van Franse en Vlaamse componisten als Josquin Des Prez, Guillaume de Machault, Jacob Obrecht en Johannes Ockeghem. In werken uit die periode is die invloed te herkennen. Hierna sloeg Pärt een heel andere weg in en ging componeren in een stijl die hij zelf de tintinnabuli-stijl noemde. Die naamgeving verwijst naar het Latijnse tintinnabuli, wat klokjes of belletjes betekent. Ofwel, hij ging muziekmaken die klinkt als het geluid van bellen of klokken. Deze muziek wordt gekenmerkt door simpele harmonieën, vaak ook door enkele noten of drieklanken die volgens de componist als bellen klinken. Het eerste stuk waarin hij van deze techniek gebruikmaakt is Für Alina, een pianowerk uit 1976. Daarna volgden de drie werken die tot op heden toe het meest bekend zijn: Fratres, Cantus In Memory Of Benjamin Britten en Tabula Rasa. In 1980 vestigde Pärt zich in Wenen, een jaar later vertrok hij naar West-Berlijn. Sinds zijn vertrek uit de Sovjet-Unie schrijft Pärt veel religieuze werken, vaak in opdracht van koren en kathedralen. Arvo Pärt wordt weleens schertsend een van de leden van “The God Squad” genoemd. Op 10 december 2011 werd hij door paus Benedictus XVI voor een hernieuwbare periode van vijf jaar benoemd tot lid van de Pauselijke Raad voor de Cultuur. Het pianowerk uit 1973 blijft wonderschoon: Für Alina.
.

Dit item was geplaatst door Muis.
%d bloggers liken dit: