07 – VERSPREIDE FRANSE EILANDEN

.
De Franse Zuidelijke en Antarctische Gebieden zijn een groep zeer dunbevolkte vulkanische eilanden in de zuidelijke Indische Oceaan, het zuiden van Afrika en een gedeelte van Antarctica. Het is een overzees gebied van Frankrijk en omvat vijf districten, waarbij voor de vijfde district (Verspreide Eilanden in de Indische Oceaan) enige territoriale claims van toepassing zijn.

1 – Saint-Paul en Amsterdam (Saint-Paul-et-Amsterdam) zijn twee eilandjes van uitgedoofde vulkanen in het zuidelijke deel van de Indische Oceaan. Er is geen permanente bewoning, maar op Amsterdam is een kleine nederzetting, genaamd Martin-de-Viviès, waar twintig wetenschappers verblijven.

2 – De Crozeteilanden (Îles Crozet) bestaan uit zes over het algemeen vulkanische eilanden (Île aux Cochons, Brisants de l’Héroïne ofwel Rochers de la Meurthe, Îles des Pingouins, Îles des Apôtres, Île de la Possession, Île de l’Est en Îles Crozet) en vele uiterst kleine eilandjes en rotsen dicht bij deze zes eilanden. De zes eilanden vormen samen een boog. Op het sinds 1963 permanent bewoonde bezoekerscentrum Alfred Faure aan de oostkust van Île de la Possession na zijn alle eilanden onbewoond. Door de 18 tot 30 bewoners van het onderzoekscentrum wordt meteorologisch, biologisch en geologisch onderzoek gedaan. Het tweede eiland (Brisants de l’Héroïne) is eigenlijk een groep van twee grote rotsen tien kilometer ten zuiden van Île aux Cochons. Îles des Apôtres is een groep van veertien zeer kleine eilanden, waarvan het grootste 1,2 km² groot is. De eerste vier eilanden worden samen L’Occidental, de westelijke groep, genoemd en de overige twee eilanden L’Oriental, de oostelijke groep. De twee groepen liggen 94,5 km uit elkaar. De eilanden werden ontdekt door de expeditie van Marc-Joseph Marion du Fresne, een Franse ontdekkingsreiziger, die op 24 januari 1772 op Île de la Possession landde en direct de archipel claimde voor Frankrijk. Hij vernoemde de eilanden naar zijn onderbevelhebber Jules Crozet, omdat hij eerder Marioneiland al naar zichzelf vernoemd had. Begin 19e eeuw werden de eilanden vaak bezocht door zeehondenjagers, waardoor in 1835 de zeehonden zo goed als uitgestorven waren. Later werd walvisvangst de belangrijkste activiteit rond de eilanden. Bij de eilanden kwamen met enige regelmaat schipbreuken voor. Zo zonk in 1821 een Brits schip in de buurt van de eilanden. De overlevenden brachten twee jaar op de eilanden door voordat ze gered werden. In 1887 liep het Franse schip Tamaris vast en de bemanning strandde op Île des Cochons. Zij bonden een brief vast aan de poot van een grote zeevogel. Deze brief werd zeven maanden later gevonden, maar helaas was dit te laat voor de bemanning. De Britse Royal Navy stuurde om de zoveel jaar een schip naar Îles Crozet om naar schipbreukelingen te zoeken. Oorspronkelijk maakte de eilandengroep, die pas in 1924 Frans bezit werden, deel uit van de Franse kolonie Madagaskar, maar na de onafhankelijkheid van Madagaskar in 1955 werden ze onderdeel van de Franse Zuidelijke en Antarctische Gebieden.

3 – De Kerguelen (Îles Kerguelen) is een onherbergzame vulkanische archipel in de zuidelijke wateren van de Indische Oceaan, waarvan het hoofdeiland wordt omgeven door ongeveer 300 kleinere eilanden. De eilanden vormen, samen met de Australische Heard en McDonaldeilanden, de pieken van het grotendeels onder water gelegen Kerguelenplateau. Dit is een twintig miljoen jaar geleden verzonken mini-continent ter grootte van een derde deel van Australië. Op de eilanden zijn resten gevonden van versteende bossen die negentig miljoen jaar oud zijn, wat aangeeft dat dit gebied ooit boven water moet hebben gelegen. Het hoogste punt van Kerguelen is de Grand-Ross (1850m) in het Galliéni Massif. Op het hoofdeiland Grande Terre wonen ongeveer honderd personen, voornamelijk wetenschappers. De eilandengroep werd in 1772 ontdekt door de Franse ontdekkingsreiziger Yves Joseph de Kerguelen de Trémarec. Vanaf 1799 arriveren er de eerste walvisvaarders, die ontdekten dat de zogenaamde Kerguelenkool die veelvuldig op het eiland voorkomt uitstekend werkt tegen scheurbuik. In 1893 werd de archipel definitief door Frankrijk geannexeerd. Gedurende de Tweede Wereldoorlog was Kerguelen een kleine Duitse marinebasis.

4 – Adélieland (Terre Adélie) is een door Frankrijk opgeëist deel van Oost-Antarctica. Het is door de Franse verkenner Jules Dumont d’Urville naar zijn vrouw vernoemd en wordt sinds 1955 opgeëist als een overzees gebied van Frankrijk. Internationaal wordt de Franse eis echter niet erkend. Het Antarctisch Verdrag van 1961 ‘bevriest’ namelijk alle territoriale aanspraken op het continent. Het gebied met een grootte van ongeveer 432.000 km² heeft geen inwoners, al verblijven er ongeveer honderd onderzoekers in het Station Dumont d’Urville.

5 – De Verspreide Eilanden in de Indische Oceaan (Îles éparses de l’océan indien) zijn in 2007 aan de Franse Zuidelijke en Antarctische Gebieden toegevoegd; voordien vormden ze een eigen territorium. Het gebied bestaat uit vijf eilanden (Bassas da India, Europa, Glorieuzen, Juan de Nova en Tromelin) in de Indische Oceaan zonder permanente bewoners.
Bassas da India is atol van 0,2 km² met in het centrum een vulkanische rots die alleen tijdens laag water boven water komt. Bassas da India wordt omringd door riffen en ligt aan de Oost-Afrikaanse kust in Straat Mozambique, tussen Madagaskar en Mozambique. Op de rotsen liggen nog steeds een aantal ankers van vergane schepen die hier in de loop van de eeuwen op de klippen liepen. Deze ankers komen bij laagtij boven water. De lagune wordt als een soort kraamkamer voor galapagoshaaien gezien. Het is een beschut gebied waar de haaien blijven tot ze groot genoeg zijn. Op 31 oktober 1897 eiste Frankrijk dit atol op en sindsdien wordt het beheerd door een gezant van de republiek die in Réunion verblijft. Het atol wordt niet als onderdeel van de republiek gezien, maar als eigendom van de staat. Bassas da India wordt eveneens geclaimd door buurland Madagaskar.
Europa is een tropisch eilandje in de Straat Mozambique, tussen Mozambique en Madagaskar. Ook dit eiland is sinds 1897 het particulier bezit van Frankrijk en het wordt bestuurd vanuit Réunion. De enige bewoners zijn zo’n vijftien Franse militairen. Er is een meteorologisch station en een ongeasfalteerde landingsbaan.
De Glorieuzen (Frans: Îles Glorieuses) liggen zo’n 160 km ten noorden van Madagaskar en ten oosten van de Comoren. Het wordt sinds 1973 beheerd door een militair garnizoen van het Frans Vreemdelingenlegioen, van vijftien militairen. Zij beheren onder andere een weerstation en een klein vliegveldje. Dat weerstation dient vooral om orkaanwaarschuwingen voor de landen rond de Indische Oceaan af te geven. De eilanden wordt omringd door een koraalrif en een lagune. De twee eilanden (Île Glorieuse en Île du Lys) worden tijdens eb door een zandbank met elkaar verbonden. Ze vormen een broedgebied voor sternen en schildpadden. In de lagune worden vaak dolfijnen gesignaleerd. Verder zijn er nog een aantal rotseilanden. In 1880 stichtte de Fransman Hippolyte Caltaux een plantage op het hoofdeiland waar hij maïs en kokosnoten verbouwde. Op Île du Lys bracht hij een kudde schapen onder. Na verloop van tijd werd er een dorp gesticht en ook werd er begonnen met de winning van guano. Op 23 augustus 1892 landde kapitein Richard met zijn schip Primauguet op het hoofdeiland en claimde de eilanden in naam van Frankrijk. In 1912 werden ze bij de Franse kolonie Madagaskar gevoegd. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het eiland verlaten, maar vanaf 1952 ging de landbouw, veeteelt en guanowinning weer van start. In 1958 werden alle economische activiteiten echter stopgezet. Alle eilanden zijn gekwalificeerd als natuurreservaten. De eilandengroep wordt opgeëist door zowel Madagaskar, de Comoren en de Seychellen.
Juan de Nova is een eilandje met riffen in de Straat Mozambique, tussen Mozambique en Madagaskar. De enige bewoners vormen een garnizoen soldaten en één politieagent. Zij beheren een weerstation. Verder wordt Juan de Nova regelmatig bezocht door wetenschappers. Het eilandje is vernoemd naar de 15e-eeuwse Portugese ontdekkingsreiziger João da Nova, die echter niet meer dan langs het eiland varen. Sinds 1897 is het Frans bezit. Van 1900 tot aan 1970 werd er guano gewonnen, waarvoor een nederzetting werd gesticht, plus een kleine gevangenis werd gebouwd en een smalspoorlijn werd aangelegd om de guano naar de kust te vervoeren. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het eiland verlaten. Rond het eiland liggen tal van scheepswrakken, die vastgelopen waren op de verraderlijke riffen. Het eilandje wordt geclaimd door Madagaskar.
Tromelin is een onbewoond eiland met een grootte van 1 km², een opgeheven atol in de Indische Oceaan, ongeveer 350 kilometer ten oosten van Madagaskar. Het eiland werd voor het eerst ontdekt door een Franse navigator in 1722. Het dankt zijn naam aan chevalier Jacques-Marie de Tromelin, kapitein van het Franse oorlogsschip Le Dauphine, die het eiland bezocht in 1776. Die naamgeving dankte hij aan het feit dat hij de laatste acht overlevenden van het vergane slavenschip L’Utile, dat in 1761 schipbreuk leed voor de kust van het eiland, na vijftien erbarmelijke jaren van het eiland wist te redden en over te brengen naar bewoonbare oorden. In 1814 werd het eiland onder het gezag van het Franse departement Réunion geplaatst. Vanaf 2007 is het overgeplaatst naar de Verspreide Eilanden in de Indische Oceaan. Er zijn geen havens of ankerplaatsen omdat de zee er niet diep genoeg is. Het eiland, omgeven door koraalriffen, is slechts te bereiken via een vliegveld met een onverharde start- en landingsbaan. Mauritius heeft nog steeds een claim op het eiland, omdat het ooit (begin 19e eeuw) deel uitmaakte van de voormalige Franse kolonie Frans-Mauritius.

De Franse Zuidelijke en Antarctische Gebieden bestaat dus bijna geheel uit honderden amper bewoonde rotseilanden. Er is nooit een oorspronkelijke bevolking geweest en het is dus niet verwonderlijk dat er amper claims op het gebied liggen. Zowel Madagaskar, de Comoren en de Seychellen hebben weliswaar bescheiden claims (en niet ten onrechte, want de Franse rechtmatigheid is uiterst dubieus), maar erg veel werk schijnen ze er ook niet van te maken. Waarom zouden ze ook, want het wemelt op de eilanden van onderzoeksinstituten en weerstations om waarschuwingen af te geven voor orkanen en cyclonen die het gebied met regelmaat teisteren. Diensten waarvoor de oude kolonisator mankracht, materiaal en geld beschikbaar houdt, hetgeen de drie genoemde landen zelf nimmer zouden kunnen bekostigen. De situatie zal dus nog wel een tijdje zo blijven.

Dit item was geplaatst door Muis.
<span>%d</span> bloggers liken dit: