FRITS EIJSINK
In de vier nummers in juni 1945 – De Zwerver 47 (3 juni 1945) tot De Zwerver 50 (29 juni 1945) – stonden in totaal 71 oproepen (er is genummerd tot 72, maar nr. 39 is per ongeluk overgeslagen) over personen waarvan nog steeds niet bekend was of zij nog leefden en zo ja, waar ze dan verbleven. De oproepen waren steeds voorzien van de toevoeging met spoed te berichten aan het Centraal Bureau van de LO-LKP indien men nuttige informatie kon verstrekken. Zie hier voor het overzicht van de 71 oproepen.
In De Zwerver nummer 50 van 29 juni 1945 verscheen de volgende oproep: ‘Eysink, Fredericus Berend, geb. 23-3-’23. Op 2-6-’44 gearresteerd door S.D. Tot 4-8-’44 in Huis van Bewaring te Groningen. Daarna op transport naar Amersfoort’.
Frederikus Berend Eijsink, roepnaam Frits (Hoogezand, 23 maart 1923 – Vught, 22 augustus 1944) was een winkelbediende die lid was van de K-groep, die haar hoofdkwartier had aan Martinikerkhof 19 in Groningen, recht tegenover het beruchte Scholtenhuis. De groep werd zo genoemd omdat iedereen een identificatienummer had dat met een K begon, zodat men elkaars naam niet kende en elkaar bij eventuele verhoren niet zou kunnen verraden. Frits Eijsink had nummer K-05 en werkte binnen de groep voor de ‘materiaal inlichtingendienst’.
Leider van de K-groep was Hessel van der Zee (Groningen, 2 maart 1918 – Vught, 22 augustus 1944), die voor de oorlog rijksklerk bij het parket van de officier van justitie was Hij kwam in aanraking met het verzet toen hij zelf ondergedoken zat. Hij was namelijk in 1940 in militaire dienst was geweest en wilde in 1943 niet als krijgsgevangene naar Duitsland gaan. Vanaf 1943 ging hij actief meehelpen bij het verzet door andere onderduikers te helpen en als koerier te functioneren. Hij had als bijnaam ‘zuster Jo’, omdat hij zich voor veel ondergrondse activiteiten verkleedde als verpleegster. Die camouflage werkte zo ontzettend goed dat zelfs naaste verzets-collega’s niet in de gaten hadden dat ze met een man te maken hadden.
De K-groep werd op 21 januari 1944 in Groningen opgericht door een fusie met de verzetsgroep van Wim Lindens. De K-groep hield zich vooral bezig met zorgen van onderduikadressen van Joden en het frauderen met bonkaarten voor levensmiddelen. In de zomer van 1944 kwam Van der Zee in contact met een student die beweerde belangrijke tekeningen te hebben van een bunker in Delfzijl. Er werd een vergadering belegd om een en ander beter te kunnen beoordelen. Toen Van der Zee op 3 juni 1944 echter op weg was naar deze vergadering bemerkte hij dat hij door de Sicherheitsdienst (SD) werd gevolgd. Hij wist aanvankelijk deze mensen af te schudden, maar werd later alsnog opgepakt en naar het Huis van Bewaring in Groningen overgebracht. Hier zat inmiddels zijn verloofde Femmie opgesloten, die dezelfde avond al was opgepakt. Door het verraad van de ‘student’ werd op 3 juni 1944 bijna de hele K-groep opgepakt. Tee van de leden die buten schot blijven zijn Siemen Sterenberg en Hendrik Jan Janssen.
Op 4 augustus 1944 werd de gehele groep overgebracht naar Kamp Amersfoort. Nog voor dat transport kon Hessel van der Zee met zijn verloofde trouwen. Tot 17 augustus verbleven de leden van de K-groep daar, om vervolgens te worden overgebracht naar Kamp Vught. Op 22 augustus 1944 om kwart over acht in de avond werden in Kamp Vught twaalf leden van de verzetsgroep geëxecuteerd: Johannes Adrianus van Benthem, Reint A. Dijkema, Auke Hendrik Dijkstra, Frederikus Berend Eijsink, Johannes Hendrikus Antonius Gerhardus Gort, Johannes Marinus van der Poel, Petrus Gerardus Henricus Schlaman, Schelto Slotema, Cornelis Enno Smith, Albert Steen, Hubertus Jacobus Emmanuel Verheul, Gerke de Vries en Hessel van der Zee. De echtgenote van Van der Zee, zwanger van hun kind, werd doorgestuurd aar concentratiekamp Ravensbrück. Daar werd hun baby geboren, maar die overleefde de omstandigheden in het kamp niet. Ook de vrouw en dochter van Albert Steen kwamen in Ravensbrück terecht. Na de bevrijding van Ravensbrück was Femmie een van de Nederlandse vrouwen die werden overgebracht naar Zweden om te kunnen sterken en genezen van de in het kamp opgelopen ziekten. Moeder en dochter Steen overleefden het kamp niet.
De pas 21-jarige Frits Eijsink is dus een van de in Kamp Vught gefusilleerden. Het is niet bekend waar hij ligt begraven en op welk moment zijn familieleden het tragische nieuws van zijn overlijden te horen kregen.
