8 DECEMBER – JOHAN BARGER

Johan Barger (Amsterdam, 8 december 1853 – Leeuwarden, 2 mei 1900) was een Nederlandse dominee en moordenaar. Hij was de zoon van de timmerman Petrus Barger en Johanna ten Broekhorst. Hij studeerde theologie te Utrecht en bracht in 1975 een redelijk goed ontvangen dichtbundel uit, getiteld Van Bloesems en knoppen. Vanaf 2 mei 1880 was hij predikant te Goudswaard. Hij was toen al getrouwd, maar blijkbaar was was dat een weinig gelukkig huwelijk. In 1882 ontvluchtte hij wegens huwelijksproblemen zijn woning en legde zijn ambt in Goudswaard neer. In 1883 werd hij hulppredikant te Lettelbert,een gehucht in het Westerkwartier van de provincie Groningen met minder dan tweehonderd inwoners. Een jaar later werd hij er predikant en weer een jaar later werd hij benoemd te Garnwerd. Op 16 juli 1885 trouwde hij in Leek voor de tweede maal, met Eilke Venema (1864-1944), de 21-jarige dochter van schoolmeester Jan Venema en zijn Doortje Kooij. In 1888 maakte hij opnieuw een promotie met zijn aanstelling als predikant in Harlingen, waar hij een statig pand aan de Noorderhaven 29 betrok.

Hij leerde in Harlingen al snel de 17-jarige Catharina Helena Mirande (Harlingen, 25 maart 1870 – Harlingen 6 maart 1894) kennen, die catechisatielessen bij hem volgde. Cato, zoals ze gebruikelijk werd genoemd was de dochter van winkelier Carel Louis Mirande (1829-1895), de jongste in het gezin. Ze had twee broers en twee zussen; een jonger zusje overleed jong en de moeder Laurina Jacoba van den Broeke (Middelburg, 1836 – Harlingen, 1874) stierf toen Cato vier jaar oud was. Het gezin leidde een teruggetrokken leven in hun woning op de Grote Bredeplaats 21, vlak bij de haven van Harlingen. Er ontstond via de catechisatielessen al snel een vriendschap tussen mevrouw Eilke Barger-Venema en Cato, die Cato twee dagen per week in dienst nam als naaister. Cato werd in de domineeswoning kind aan huis en zo kwam ze steeds meer in privécontact met de dominee. (meer…)

THE MAMAS AND THE PAPAS

The Mamas and the Papas was een toonaangevende Amerikaanse zanggroep uit het midden van de jaren zestig, die bestond uit John Phillips, Cass Elliot, Denny Doherty en Michelle Phillips. Het verhaal gaat dat ze de naam ontleedde aan een discussie in een populair praatprogramma op televisie. Tijdens een brainstormsessie had iemand de televisie aangezet en men belandde direct ineen gesprek met een Hells Angel. De eerste zin die ze hoorden was ‘Now hold on there, Hoss. Some people call our women cheap, but we just call them our Mamas’. Cass sprong op en riep uit ‘Ja! Ik wil een Mama zijn!’ Michelle stemde daarmee in en wilde ook een Mama zijn. John en Denny keken elkaar aan en John zei ‘Papas? Okay, probleem opgelost’. De band had zijn naam. De groep had direct in 1965 een wereldhit met California Dreamin’, dat nog steeds hun bekendste nummer is. De groep stond erom bekend dat in hun omgeving altijd voldoende marihuana of andere populaire drugs voorhanden waren en er ook driftig gebruik van werd gemaakt. De leden gaven zelfs toe dat ze de drugs gebruikten voor de ogen van hun kinderen, die ook vaak bij de opnamesessies aanwezig waren. Het einde van de groep is ook al zo’n mooi verhaal. Al lang voor het ontstaan van de band waren John en Michelle met elkaar getrouwd. Al snel na het ontstaan van de groep kregen Michelle en Denny echter een verhouding, die ze lang van de twee andere bandleden geheim konden houden. Tijdens een reeks optredens in Mexico nam Michelle hierover echter Cass in vertrouwen, die hierover woedend was omdat ze zelfs stiekem een oogje op Denny had. Niet lang daarna kwam ook John erachter en was het huwelijk naar de vaantjes. John vertrok uit hun woning en trok verrassenderwijs in bij zijn concurrent in de liefde, Denny. Dat leverde natuurlijk tussen beiden ongemakkelijke situaties op, zodat werd besloten Michelle voor het blok te zetten. Na enige besluiteloosheid koos ze voor John en ging weer met hem samenwonen. Dit hield echter niet lang stand, waarna Michelle haar toevlucht zocht in de armen van Gene Clark, een lid van de bevriende band The Byrds. Toen Michelle na een concert kushandjes blies in de richting van Clark, die op de eerste rij zat, was de maat voor John vol. Het huwelijk strandde definitief en Michelle werd uit de band werd gezet. Nadat de fans om de terugkeer van Michelle bleven schreeuwen, kwam ze toch weer terug in de groep, maar de sfeer was inmiddels om te snijden. Denny ging aan de drank om zijn verdriet te vergeten. Toen bij een optreden John in Londen John grove, beledigende opmerkingen maakte over het uiterlijk van Cass, verliet deze per direct de band. Er werd vanwege de contractuele verplichtingen nog een album uitgebracht, maar in juli 1968 was het definitief afgelopen met The Mamas and The Papas. Tussen het drugsgebruik en onderling geruzie zag men echter wel kans een aantal formidabele nummers op te nemen, met een overdaad aan love and peace. Zoals dit magistrale Safe in my garden. (meer…)

SINT NICOLAAS 1938

Sint Nicolaas 1938

Weer doen wij ons aan marsepein tegoed:
al ligt de wereld machteloos te bloeden,
God zal òns feest, òns Neerland wel behoeden.
o, Sinterklaas, wij waren braaf en zoet!

Verstop de krant, die riekt naar rook en bloed:
nòg walmt de puinhoop, nòg zwiept ginds de roede
en striemt den Jood; wij kunnen ’t niet verhoeden…
o, speculaas, o, marsepein, zo zoet!

Vanavond deert ons vluchteling noch beul,
wij zoeken slechts bij koek en snoepgoed heul,
en lezen, voor ’t naar bed gaan, ’t woord des Heren,

dat ons, als steeds, weer ernstig stemt en sticht,
maar verder vrijlaat en tot niets verplicht
zolang wij koek en snoepgoed niet ontberen.

A. Marja (1917-1964)

DUITSE KOLONIËN 6

Vroeger had het keurvorstendom Brandenburg-Pruisen bescheiden koloniën en handelsposten in de Caraïben en Afrika, maar deze waren na een twintigtal jaar allemaal opgedoekt, maar het keurvorstendom kwam door ze kortstondige overzeese avonturen wel terecht op een bescheiden lijstje van achttien koloniale mogendheden. Vanaf 1871 toen het Duitse Keizerrijk ontstond kreeg men weer opnieuw koloniale ambities (zie Duitse Koloniën 2), maar vooralsnog richtte Duitsland zich, net als andere Europese landen met territoriale ambities, vooral op ‘de zieke man van Europa‘, het Osmaanse Rijk. In 1878 werden door Otto von Bismarck tijdens het Congres van Berlijn op een handige manier afspraken gemaakt. Nadat de zaken in Europa opgelost leken (‘leken’, want tot op de huidige dag levert de verdeling van landen en regio’s een breed scala van conflicten op en het eind is nog lang niet in zicht), achtte Duitsland het tijd hun ‘rechtmatige plaats onder de zon’ veilig te stellen. Via de Koloniale Conferentie in 1884-1885 werden afspraken gemaakt over de verdeling van de witte plekken in Afrika en tegelijkertijd nog wat gebieden in Azië onderling verdeeld. Duitsland zou tien koloniën in Afrika en Azië toegewezen krijgen, waarvan in Duitse Koloniën 3 de eerste Afrikaanse kolonie, Duits-Zuidwest-Afrika, aan de orde is geweest. In Duitse Koloniën 4 kwam Togoland, een andere Duitse kolonie op het Afrikaanse continent, aan bod en in Duitse Koloniën 5 werd Duits-Oost-Afrika besproken. In dit blog: Duits-Witu.
(meer…)

DOKTER, DOKTER, ALLEMAAL DOKTERS (11)

DOKTER, DOKTER, ALLEMAAL DOKTERS
De onbekende kant van de gezondheidszorg
Verhalen met en over dokters
(deel 11)

door
JOEP SCHOLTEN
.
.
.
.
.
(deel 1) (deel 2) (deel 3) (deel 4) (deel 5) (deel 6) (deel 7) (deel 8) (deel 9) (deel 10)


4. Money money (Liza Minelli, Joel Grey)
deel 2

Sinds 2006 leven we in een nieuwe werkelijkheid. Nederland vergrijst en al jaren worstelt de politiek met de stijgende kosten van de zorg. Marktwerking, onderlinge concurrentie tussen zorgaanbieders, artsen, ziekenhuizen, enzovoort moet het allemaal meer betaalbaar maken. Toegenomen concurrentie is goed voor de aanpak van de wachtlijsten in ziekenhuizen en zal de kwaliteit van de dienstverlening verbeteren, is de veronderstelling.
Sindsdien wordt er door de medische stand, vooral door huisartsen, onverminderd tegen deze werkelijkheid gefulmineerd. Maar elke minister van VWS, goed of slecht, kan zich geen betere tegenstander wensen. Met name huisartsen zijn onderling verdeeld tot op het bot, bovendien zelden bereid de daad bij het woord te voegen. De LHV (Landelijke Huisartsen Vereniging) heeft inmiddels een concurrent. De één roept nu vooral wat de ander nalaat te doen.
Patiënten zouden lijden onder het nieuwe systeem. Dat is maar zeer de vraag. Eerder hebben die last van een andere beroepsinstelling onder huisartsen. Steeds meer deeltijdwerkers, groepspraktijken en zogenaamde HAP’s (huisartsenposten) waar de arts-patiëntrelatie meer en meer verwatert. Vooral oudere artsen kijken er naar met gemengde gevoelens. Zij vinden dat huisartsen hun unieke positie verkwanselen en die ontwikkeling is al langer aan de gang dan sinds de komst van het nieuwe zorgstelsel. (meer…)

DOKTER, DOKTER, ALLEMAAL DOKTERS (10)

DOKTER, DOKTER, ALLEMAAL DOKTERS
De onbekende kant van de gezondheidszorg
Verhalen met en over dokters
(deel 10)

door
JOEP SCHOLTEN
.
.
.
.
.
(deel 1) (deel 2) (deel 3) (deel 4) (deel 5) (deel 6) (deel 7) (deel 8) (deel 9)


4. Money money (Liza Minelli, Joel Grey)
deel 1

Geld gedraagt zich binnen de medische stand als vreemdelingenhaat bij nette mensen. Daar loop je niet mee te koop. Slechts onder gelijkgezinden valt die gêne weg. Op websites, speciaal voor huisartsen, zie je dan ook dat vooral geld het thema is waarvoor men in de pen klimt. Alles passeert: achterblijvende tariefaanpassing, het schijntje voor de ANW-dienst (avond-, nacht- en weekenddienst), de vergoeding per verrichting of voor ICT-investeringen. Ook bij artsen lijkt het erop dat bij het reageren via internet elk gezond gevoel voor schaamte verdampt. Daar ook krijg je zicht op de vreemde positie waarin vooral huisartsen zich hebben gemanoeuvreerd. Hoewel ze zich ondernemer noemen, lijkt hun gedrag eerder op dat van ambtenaren die het allemaal overkomt. Ondertussen verkruimelt het zorgvuldig gekoesterde imago van de onbaatzuchtige zorgverlener. Soms krijg je de indruk dat patiënten in dit verhaal nog slechts een gemarginaliseerd verschijnsel zijn. In plaats daarvan regeert Money Money.

En toch kun je nog bijna de tijd aanraken dat een huisarts zich beledigd voelde, zodra je een toespeling maakte op zijn verdiensten of hem een idee aan de hand deed waarmee hij zijn concurrentiepositie kon verbeteren.
‘Ik ben arts.’ (meer…)

EROTIEK IN DE 19E EEUW – 27