IZAAK CREVELD – 009

Izaak Levie Creveld (Utrecht, 8 juni 1932 – Utrecht, 28 maart 1992) was de zoon van Benjamin Creveld (Utrecht, 19 december 1903 – Utrecht, 19 januari 1978), waarvan als beroep in de archieven staat dat hij ‘bedrijfsleider en vleeshouwer’ was, dus waarschijnlijk een slager met eigen zaak. Hij was op 24 juni 1931 in Arnhem getrouwd met Eva Bromet (Arnhem, 16 maart 1905 – Amsterdam, 16 december 1989), op het moment van haar huwelijk een ‘rijkstelefoniste’ bij de gemeente Arnhem. Het echtpaar kreeg twee kinderen, Izaak Levie en Rebecca, roepnaam Rita (1937).  Van dit gezin van vier personen zou iedereen de oorlog overleven. Voor andere familieleden gold dat niet. De ouders van Benjamin hadden acht kinderen, waarvan de moeder al in 1934 was overleden, maar de vader Izaak Crefeld (1874), de kinderen Emmanuel (1905), Simon (1909) (zie foto hieronder met zijn echtgenote Jet Keizer), Esther (1912), Mietje (1914), Joseph (1918) en Bertha (1922), hun partners en kinderen werden allemaal vermoord in Auschwitz of Sobibor. Slechts de zonen Samuel en Benjamin (1903) en Samuel (1908) zouden de oorlog overleven. Van de familie van Eva Bromet, de moeder van Izaak Levie Crefeld, kwamen de beide ouders Levie Bromet (1877) en Frederika Kaufman (1880), haar drie zussen Sophia (1909), Cornelia (1913) en Sara (1915), hun drie partners en twee jonge kinderen om in de Duitse vernietigingskampen. Tegenover het geluk van het gezin van Izaak Levie’s gezin staat dus de diepe ellende dat bijna de gehele rest van de uitgebreide familie de oorlog niet had overleefd.

Izaak Levie Creveld (en niet Crefeld zoals hij in veel lijsten werd genoemd) werd in eerste instantie ondergebracht bij de boer Herman Hendrix (Grubbenvorst, 8 september 1899 – Venray, 18 april 1971) en zijn echtgenote Mina Kleeven (Wanssum, 15 juli 1905 – Venray, 30 oktober 1983), die woonde in de buurtschap Gun, iets ten noorden van het dorp Swolgen, vernoemd naar het voormalig kasteel De Gun. De buurtschap bestaat uit een groepje verspreid liggende boerderijen. OP hert eerste gezicht een veilige plaats, maar eind 1944 vinden hier enkele razzia’s plaats om ondergedoken personen op te sporen. De familie Hendrix werd doodsbang voor ontdekking en de consequenties die dat voor hen kon hebben. Dat betekende dat de twaalfjarige Izaak Levie elders moest worden ondergebracht. Hij kwam daarna terecht bij Lei Nabben (Swolgen, 12 september 1901- Swolgen, 27 oktober 1991) en Truus Vermeulen (Meerlo, 4 februari 1910-Venray, 20 mei 1983). Hij kreeg er de naam Kees de Vries, ging braaf elke dag mee naar de kerk, ging er naar de plaatselijke school en name ook net als zijn klasgenootjes deel aan de voorbereiding voor de plechtige communie deel. ´s Avonds bad hij de rozenkrans mee, zo luid dat werd beweerd dat de smid Bér Brouwers, die een kleine honderd meter verderop woonde, hem vaak kon horen.

Simon en Jet Creveld-KeizerRita Creveld, de zus van Izaak Levie Creveld, zei in februari 2018 bij een speech ter gelegenheid van de plaatsing van Stolpersteine voor het gezin Bilderbeek-Bromet voor de Buitenkant 26 te Zwolle het volgende over de onderduikperiode van haar broer: ‘Mijn ouders en broer zijn oorspronkelijk eerst samen ondergedoken, maar doordat mijn broer er erg joods uitzag, is hij bij pleegouders in Limburg terecht gekomen, waar hij tussen de maisvelden de kogels langs zijn oren hoorde vliegen. Hij is tot zijn dood oorlogsslachtoffer gebleven en is helaas maar 59 jaar geworden. Ik kwam bij een echtpaar zonder kinderen terecht en eerlijk gezegd wisten zij ook niet wat het betekent om een kindje van 4 jaar in huis te nemen, dat van de ene op de andere dag van haar ouders gescheiden wordt en pappa en mama moet zeggen tegen mensen die ze nog nooit had gezien. Als er razzia’s waren en vaak ook s’ nachts moesten mijn onderduikvader en ik onder de grond slapen, dus tafel weg, kleed eraf, luik open en wij erin. Je kon er niet zitten en ik was dan ook doodsbang en heb hier claustrofobie aan over gehouden. Enfin, na anderhalf jaar werden wij verraden en hebben mensen van de illegaliteit mij bij een echtpaar met 7 kinderen en een hondje gebracht, waar ik tot het einde van de oorlog een liefdevol leven heb gehad. Natuurlijk heb ik deze mensen de Yad wa Shem prijs bezorgd, die ze meer dan verdiend hadden.’

Het moeten bange momenten zijn geweest voor Izaak, maar hij overleefde onderduik en de angstige momenten tussen de geallieerde en Duitse troepen. Hij trouwde na de oorlog met Betty Esther Vaz Dias‏‎ (Utrecht, 8 juni 1932 – Utrecht, 28 maart 1992). Het echtpaar kreeg drie kinderen. Een foto van Izaak Creveld was niet te vinden, slechts van zijn broer Simon en zijn echtgenote was een foto te vinden.

Dit item was geplaatst door Muis.