DE VN-VERKLARING VAN 17 DECEMBER 1942

In de Verenigde Staten was vanaf de dertiger jaren al goed bekend dat antisemitisme een centraal onderdeel was van de nazi-ideologie. Gedurende de jaren van grote economische depressie vanaf 1929 was de NSDAP van Adolf Hitler snel populair geworden, waarbij consequent de Joden werden afgeschilderd als de verantwoordelijken voor alle politieke, sociale en economische problemen waarmee de Duitse bevolking werd geconfronteerd. Daarbij grepen ze terug op al langer bestaande vooroordelen op sociaal-economisch en religieus gebied ten opzichte van de Joodse minderheid. Nadat ze in januari 1933 aan de macht waren gekomen, werd deze lijn dor de nazi’s steeds sterker doorgevoerd. Vanaf 1933 werd een groot aantal anti-Joodse wetten en maatregelen afgekondigd, waarbij de rechtvaardiging steeds was dat de Joden streefden naar wereldheerschappij en daarbij parasiteerde op de Duitse samenleving. Om het beleid te verdedigen gebruikte de nazi’s een keur van raciale argumenten, maar werd ook gebruik gemaakt van negatieve stereotyperingen: communistische subversieve elementen, oorlogsprofiteurs, zwarthandelaren en niet-loyale staatsburgers. Er volgden boycots tegen Joodse winkeliers en boekverbrandingen. In 1935 werden de Rassenwetten van Neurenberg aangenomen waarmee en strikte scheiding tussen Ariërs en niet-Ariërs werd afgekondigd. Tijdens de Kristallnacht in november 1938 werden in Duitsland 1400 synagogen en 7.500 Joodse winkels en bedrijven vernietigd. Ook Joodse huizen, scholen, begraafplaatsen en ziekenhuizen kregen de maken met vernietigende aanvallen. De brandweer en politie was het verboden in te grijpen. Ook in Oostenrijk en Sudetenland werden Joden aangevallen en hun bezittingen vernield. Er zouden minstens vierhonderd Joden zijn vermoord of tot zelfmoord gedreven. Daarnaast werden ongeveer 30.000 Joden overgebracht naar de concentratiekampen in Duitsland, waar ook al snel ongeveer duizend doden vielen. Nadat Duitsland in september 1939 Polen was binnengevallen, in het voorjaar van 1940 West-Europa door hen was overrompeld en ze in juni 1941 waren begonnen aan de veldtocht tegen Rusland, was het voor elke Amerkaan wel duidelijk hoe groot het gevaar vanuit nazi-Duitsland was. IN de beter ingelichte kringen begon ook het besef te komen dat het antisemitisme wel eens kon uitmonden in een grootschalige genocide.

Riegner_TelegramOp 8 augustus 1942 stuurde Gerhardt M. Riegner, de secretaris van het World Jewish Congress in Génève, via de diplomatieke kanalen een telegram aan rabbijn Stephen Samuel Wise, de president van het World Jewish Congress. Riegner baseerde zich daarbij op informatie die hij had ontvangen van Eduard Schulte, een belangrijke werknemer van het bedrijf Giesche en een fel anti-nazi. Bij Giesche waren tal van hoge nazi’s die betrokken waren bij de Holocaust in dienst. Het bericht luidde: ‘In Hitler’s headquarters a plan is being considered to wipe out at one blow from 3,500,00 to 4,000,000 Jews this autumn. Following their expulsion from countries controlled or occupied by Germany and their concentration in the East, according to a report from a person whose previous reports have been generally reliable and who is alleged to have intimate connections among the highest German officials. Prussic acid has been contemplated but the manner of extermination has not yet been determined. The correctness of the report cannot be confirmed and the information is therefore sent with reservation’

Riegner vroeg om Stephen Wise op de hoogte te brengen van het telegram, maar functionarissen van het AmeDepartment of Staterikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken deden dat niet. Binnen het departement was men van mening dat van het Amerikaanse Consulaat en Bern geen informatie te hebben ontvangen om het bericht te bevestigen, zodat de mededeling moest worden gezien als een van de vele onbetrouwbare geruchten die op dat moment in Europa circuleren. Er waren in de loop van 1942 al meerdere, soortgelijke berichten uit Europa ontvangen, zonder dat hierop enige actie volgde. In eerste instantie werden veel verhalen uit Europa niet geloofd omdat ze letterlijk ‘ongelooflijk’ waren. Ze waren zo gruwelijk of er waren twijfels over de omvang van wat de nazi’s probeerden. Wise werd pas op de hoogte gebracht van het telegram toen Riegner hem bijna drie weken later, op 29 augustus 1942, rechtstreeks een nieuw telegram met dezelfde mededeling stuurde. Wise, die nog steeds niets wist van het eerdere bericht, gaf de waarschuwing door aan zijn regeringscontacten. Zoals bij hem gebruikelijk sprak hij zich niet uit over de berichten over massaslachtingen totdat deze volledig waren doorgelicht door het ministerie van Buitenlandse Zaken. Het duurde bijna vier maanden voordat de Amerikaanse onderminister van Buitenlandse Zaken Sumner Welles aan Wise bevestigde dat de informatie van Gerhardt Riegner juist was.

Stephen Wise hield vervolgens op 24 november 1942 een persconferentie in Washington D.C. en kondigde aan dat de nazi’sThe_Mass_Extermination_of_Jews_in_German_Occupied.pdf een plan hadden voor de uitroeiing van alle Europese joden en dat het aantal vermoorde joden al de 2 miljoen had bereikt. Op 25 november 1942 bereikte het nieuws dat nazi-Duitsland miljoenen Europese joden vermoordde voor het eerst Amerikaanse kranten.

Massaal drong nu het besef door dat het verzamelen van bewijsmateriaal, grotendeels gedaan door de Poolse regering in ballingschap, nu een punt had bereikt waarop wel algemeen moest worden aanvaard dat de nazi’s een ongekende misdaad aan het begaan waren, namelijk het doden van mensen op industriële en massale wijze. Dat in nazi-Duitsland het antisemitisme hevig was en dat er aanvallen plaatsvonden op personen en hun bezittingen, was de Amerikanen al lang bekend. Het idee echter dat nazi-Duitsland van plan was alle Joden in Europa te vermoorden, zorgde voor een schok in de Verenigde Staten. In de nasleep van het nieuws hielden honderden synagogen in de Verenigde Staten een ‘Dag van Rouw’. Joodse bedrijven sloten hun deuren ter nagedachtenis aan de slachtoffers. Op 8 december 1942 presenteerden joodse religieuze leiders en vertegenwoordigers van Amerikaans-joodse organisaties aan president Franklin Roosevelt een uitgebreid rapport over het lot van Europese joodse gemeenschappen. Roosevelt bevestigde dat ‘de Verenigde Staten zeer goed op de hoogte zijn van de meeste feiten die u nu onder onze aandacht brengt’ en stemde ermee in een verklaring uit te brengen waarin hij de wreedheden veroordeelde. Op 10 december publiceerde graaf Edward Raczynski (foto boven), de Poolse minister van Buitenlandse Zaken, een zestien pagina’s telleVN-verrklaringnd document, getiteld ‘The Mass Extermination of Jews in German Occupied Poland’, vergezeld van een persoonlijke notitie van Raczynski aan de regeringen van de geallieerde landen. De boodschap kon nu niet langer worden genegeerd.

Op 17 december 1942 kwam een verklaring van de Verenigde Naties over de voortdurende massamoordcampagne van het naziregime tegen Europese Joden, de eerste publieke erkenning over de Holocaust:
‘The attention of the Belgian, Czechoslovak, Greek, Jugoslav, Luxembourg, Netherlands, Norwegian, Polish, Soviet, United Kingdom and United States Governments and also of the French National Committee has been drawn to numerous reports from Europe that the German authorities, not content with denying to persons of Jewish race in all the territories over which their barbarous rule has been extended, the most elementary human rights, are now carrying into effect Hitler’s oft-repeated intention to exterminate the Jewish people in Europe.

From all the occupied countries Jews are being transported in conditions of appalling horror and brutality to Eastern Europe. In Poland, which has been made the principal Nazi slaughterhouse, the ghettos established by the German invader are being systematically emptied of all Jews except a few highly skilled workers required for war industries. None of those taken away are ever heard of again. The able-bodied are slowly worked to death in labor camps. The infirm are left to die of exposure and starvation or are deliberately massacred in mass executions. The number of victims of these bloody cruelties is reckoned in many hundreds of thousands of entirely innocent men, women and children.

The above-mentioned governments and the French National Committee condemn in the strongest possible terms this bestial policy of cold-blooded extermination. They declare that such events can only strengthen the resolve of all freedom-loving peoples to overthrow the barbarous Hitlerite tyranny. They reaffirm their solemn resolution to insure that those responsible for these crimes shall not escape retribution, and to press on with the necessary practical measures to this end.’

De verklaring was een gezamenlijk document van elf geallieerde regeringen en beschreef de deportaties van Joodse mensen wegens massamoord in het door Duitsland bezette Polen en veroordeelde ‘in de sterkst mogelijke bewoordingen dit beestachtige beleid van koelbloedige uitroeiing’. Achter de schermen drongen enkele functionarissen van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken er bij de Joodse leiders op aan om ‘de huidige wereldwijde publiciteitscampagne over massamoorden’ af te blazen of op zijn minst de taal in de verklaring af te zwakken.’ Ze twijfelden aan de informatie en klaagden dat openlijk praten over nazi-misdaden ertoe zou kunnen leiden dat het Amerikaanse publiek de redding van slachtoffers zou eisen. Het document werd opgesteld door Britse diplomaten, onder enorme publieke druk in Groot-Brittannië om op te treden tegen de wreedheden van de nazi’s. De Amerikaans ambtenaren konden de vrijgave van het document niet voorkomen, maar wisten toch belangrijke wijzigingen door te voeren. Eén regel uit het Britse ontwerp luidde bijvoorbeeld oorspronkelijk: ‘rapporten uit Europa die geen ruimte voor twijfel laten’, maar dat ‘die geen ruimte voor twijfel laat’ verdween uit de tekst. De Sovjetvertegenwoordigers voegden een zin toe die aangaf dat het aantal slachtoffers ‘vele honderdduizenden’ bedroeg, een aanzienlijk lager aantal dan de twee miljoen Joodse slachtoffers die in de pers worden geschat. Wat al veel lager was dan het aantal waarover Riegner een rabbi Wise had geschreven. De verklaring werd gelijktijdig vrijgegeven in Moskou, Londen en de Verenigde Staten. De meeste grote kranten in de Verenigde Staten berichtten over het verhaal. De New York Times heeft de tekst van de verklaring volledig overgenomen, met als kop op de voorpagina: ‘Elf bondgenoten veroordelen de nazi-oorlog tegen de joden’.

Op 17 september 1942 legde de Britse minister van Buitenlandse Zaken de verklaring aan de leden van het Lagerhuis. Het parlementslid James de Rothschild verklaarde namens de Joodse gemeenschap in Groot-Brittannië: ‘Onder de Joodse onderdanen van Zijne Majesteit zijn er tegenwoordig velen die pas een generatie of zo in dit land zijn. Zij zullen het gevoel hebben dat zij, zonder de genade van God, zelf op dit moment tot de slachtoffers van de nazi-tirannie zouden kunnen behoren. Ze zouden zich in die getto’s kunnen bevinden, in die concentratiekampen, in die slachthuizen. Ze zullen veel relaties hebben om wie ze rouwen, en ik ben er zeker van dat ze dankbaar zullen zijn aan de minister en aan de Verenigde Naties voor deze verklaring. Ik vertrouw erop dat deze proclamatie, via het medium van de BBC, zal doordringen in de door Duitsland geteisterde landen en dat het enige vage hoop en moed kan geven aan de ongelukkige slachtoffers van kwelling, belediging en vernedering. Zij hebben in hun ellende en hun ongeluk blijk gegeven van grote standvastigheid en grote moed. Ik hoop dat wanneer dit nieuws naar hen toekomt, zij het gevoel zullen hebben dat zij gesteund en gesterkt worden door de Britse regering en door de andere Verenigde Naties en dat zij in staat zullen worden gesteld te blijven aangeven dat zij nog steeds de waardigheid van de mens hooghouden.

De Holocaust was bekend en officieel erkend lang voordat de vernietigingskampen in het laatste jaar van de oorlog door de oprukkende geallieerden werden overspoeld. De verklaring leidde na de oorlog tot de ontwikkeling van het concept van ‘Misdaden tegen de menselijkheid’ en de oprichting van het juridische apparaat voor de naoorlogse processen tegen oorlogsmisdaden in Neurenberg. De wrange conclusie is echter ook dat tegen de Holocaust zelf niets werd ondernomen. De genocide ging tot de laatste oorlogsdag door.

b9875269-6089-4a20-846e-417522983cd1_1680x1296.
Toen begin jaren veertig het nieuws over de moord op de Joden Groot-Brittannië begon te bereiken, was
Morris Kestelman een van de eerste kunstenaars die reageerde. De titel ‘Lama Sabathani’ van zijn schilderij uit 1943 ontleende hij aan over aan de opening van Psalm 22: ‘Mijn God, mijn God, waarom heb je mij verlaten?’. Het schilderij is een zeldzame en vrijwel onmiddellijke Britse artistieke reactie op het nieuws over de wreedheden waarvan bekend was geworden dat ze plaatsvonden tegen de Joden in bezet Polen.

Dit item was geplaatst door Muis.