CIMON EN PERO 22
Victor Müller (Frankfurt am Main, 29 maart 1830 – München, 21 december 1871) was de zoon van de Frankfurter arts Valentin Christian Müller en zijn vrouw Charlotte Schmid. Hij groeide op in een omgeving van de hogere middenklasse. Na zijn opleiding schreef hij zich in 1845 in aan het Städelschen Kunstinstitut en werd een leerling van Jakob Becker, Friedrich Maximilian Hessemer, Johann David Passavant en Johann Nepomuk Zwerger, door wie hij de werken ging waarderen van de Nazareners, een genootschap van kunstschilders die worden gerekend tot de Duitse romantiek. In de herfst van 1848 maakte hij een uitgebreide studiereis, die hem eerst naar Antwerpen bracht. Daar bestudeerde en kopieerde hij werken van Anthonis van Dyck en Peter Paul Rubens. In maart 1850 vestigde hij zich in Parijs. Volgens zijn eigen verklaring ging hij elke dag naar het Louvre om ‘een nieuwe poëtische richting te zoeken’. Daar ontwikkelde hij een voorliefde voor Domenico Fetti, Raphael, Titiaan en Paolo Veronese, maar bewonderde hij ook de werken van zijn tijdgenoten, zoals Gustave Courbet, Eugène Delacroix en Jean-François Millet. Zijn schetsen en studies van het landschap laten duidelijk de invloed van de School van Barbizon zien. In 1855 nam hij – met de steun van zijn leraar Thomas Couture – deel aan de Wereldtentoonstelling van Parijs met zijn schilderij L’homme, le sommeil, le rêve. In 1858 keerde hij terug naar Frankfurt zonder zijn nauwe contacten met zijn Franse collega’s te verliezen. Waarschijnlijk kwam Gustave Courbet op uitnodiging van Müller in hetzelfde jaar naar Frankfurt, waar hij zes maanden doorbracht en een intensieve artistieke uitwisseling onderhield met Müller en andere collega-schilders uit Frankfurt.
Op voorspraak van Courbet exposeerde Müller in 1867 vijf werken op de Parijse Salon. In deze jaren creëerde hij zijn monumentale schilderij Die Waldnymphe , dat hij in 1863 voltooide en dat voor veel opschudding en verdeelde kritiek zorgde. In 1865 ondernam Müller een reis van enkele weken naar Amsterdam, waar hij zich liet inspireren door het werk van Rembrandt, Den Haag en Scheveningen.
In 1865 vestigde hij zich in München en verzamelde er een groep jongere kunstenaars om zich heen, waar later de Leibl-kring uit ontstond. groeide. Via Leibl maakte Müller kennis met de uitgever Friedrich Bruckmann, namens wie hij een Shakespeare-cyclus schilderde. Müller gaf de voorkeur aan meisjesmodellen, waaronder Cella Berteneder, een schilderes en de latere vrouw van Hans Thoma. In 1868 trouwde Müller in Frankfurt met Ida Scholderer, een dochter van zijn leraar en vriend Johann Christian Scholderer. Met haar kreeg hij een zoon, de latere arts Otto Victor Müller (*1870). In 1869 koos de Internationale Tentoonstelling van München Müller als jurylid. In deze functie was hij voorstander van de Franse moderne schilderkunst.
Victor Müller stierf al op 41-jarige leeftijd op 21 december 1871 in München. Hij liet een behoorlijk lijst met werken na, inclusief vele schetsen. Zijn schets van Cimon und Pero maakt del uit van de uitgebreide collectie van werken van Müller waarover het Städel Museum in Frankfurt am Mainz beschikt.
