MISS TENNESSEE’S MAGNETIO ELIXIR, deel 1
Reuben Buckman Claflin, bekend als ‘Buck Claflin, (Sandisfield, Massachusetts, 1796 – Kensington, United Kingdom, 19 november 1885) was een man van twaalf ambachten en dertien ongelukken. Hij was onderwijzer, boer, winkelier, herbergier, wapenhandelaar, houthandelaar, vlotter, fokker van renpaarden, hotelhouder, graan- en zagerij-operator, advocaat, speculant in Chicago en kruidendokter. Van december 1833 tot mei 1835 was hij postmeester in Sinnemahoning in Lycoming County, Pennsylvania. Hert postkantoor was gevestigd in ‘Claflin’s’, dus mogelijk gevestigd in zijn winkel daar. Later was hij ruim een jaar (1843-1844) postmeester van Homer, Ohio. Buck verwierf echter vooral bekendheid als slangenolieverkoper die zich voordeed als een dokter. Hij had enige juridische opleiding en presenteerde zichzelf soms als advocaat. Zijn werkervaringen omvatten echter vooral het vervoeren van hout over de Susquehanna-rivier en het werken in een saloon. Hij kwam uit een verarmde tak van de in Massachusetts wonende Schots-Amerikaanse familie Claflin, en was een verre neef van gouverneur William Claflin van Massachusetts. In december 1825 trouwde Buck Claflin met Roxanna Hummel, die meestal Roxy of Annie werd genoemd. Het stel had elkaar ontmoet in Selinsgrove, Pennsylvania, toen Buck te gast was in het huis waar Roxanna als dienstmeisje werkte. Roxanna zou de nicht zijn geweest van een welvarende salooneigenaar en/of de buitenechtelijke dochter van een dienstmeisje. Zoals haar naam al aangaf, was ze van Duitse afkomst. Ze sprak met een duidelijk Duits accent, dus was waarschijnlijk pas op (bijna) volwassen leeftijd naar de Verenigde Staten gekomen. Roxanna zou mogelijk hebben opgereden als een spiritualiste, wat later een belangrijke bron van inspiratie zou worden voor Buck Claflin en hun elf kinderen: drie zonen en acht dochters. Het gezin leefden lange tijd in grote armoede. Hun buren herinnerden de kinderen als wild, vuil en hongerig en Buck als een gewelddadige vader, die zijn kinderen regelmatig zonder enige aanleiding sloeg.
Rond 1850 maakte de gezusters Fox furore in spiritualistische kringen in de Verenigde Staten. Leah Fox (8 april 1813 – 1 november 1890), Margaretta Fox (7 oktober 1833 – 8 maart 1893) en Kate Fox (27 maart 1837 – 2 juli 1892) woonden vanaf 1847 in een huis in Hydesville, New York waarvan werd beweerd dat het vanwege een in het verleden gepleegde moord behekst zou zijn. De beide jongere zusters Margaretta en Kate wisten hun oudere zuster ervan te overtuigen dat ze via zogenaamde ‘rappings’ (geheimzinnige kloptonen) konden communiceren met geesten. Leah nam daarna de leiding over op hen en regelde een succesvolle en jarenlange carrière als spiritueel mediums van de twee mediums al snel verspreid onder een grote groep radicale Quakers. Hierdoor ontstond een vroege kern van de spiritualisten werden en een associatie tussen spiritualisme en radicale politieke doelen, zoals afschaffing van de slavernij, matigheid en gelijke rechten voor vrouwen. Op 14 november 1849 demonstreerden de Fox-zusters hun spiritistische rap in de Corinthian Hall in Rochester. Dit was de eerste demonstratie van spiritualisme voor een betalend publiek en het eerste openbare evenement door spiritistische mediums in de Westerse wereld. Vanaf dat moment hielden Kate en Margaretta als beroemde mediums seances voor honderden mensen. Deze vroege seances waren erg frivool, waarbij de deelnemers inzicht zochten in ‘de staat van de spoorwegaandelen of een kwestie gerelateerd aan een (gewenste) liefdesaffaires.’ Pas in 1888, veertig jaar na het begin van hun succesvolle carrière die hen in contact had gebracht met de hoogste sociale kringen, gaven de zusters toe wat vele onderzoekers al heel lang beweerden: hun hele optreden waren gebaseerd op bedrog. Ze konden de geluiden (de rappings) maken door hun knokkels en andere gewrichten hard te laten kraken. Een gave, het moet worden toegegeven, maar met communiceren met geesten had het niks te maken. Hun bekentenis had geen enkel effect op de spiritistische beweging, die bleef ook hierna in populariteit groeien.
Rond 1850 was van dat bedrog nog niets bekend en het bracht Buck en Roxy op een idee. Buck ging adverteren met hun dochters Tennessee en Victoria als mediums. De exacte geboortedatum van Tennessee Claflin, de jongste van de elf kinderen, is onduidelijk algemeen wordt 26 oktober 1844 aangehouden. Enkele jaren eerder was een zus gemaand Utica geboren, die aanvankelijk de derde van dec drie spirituele zusjes zou zijn, maar snel uit beeld zou verdwijnen. De meisjes werden al snel de belangrijkste kostwinners van het kinderrijke gezin van een criminele vader en analfabete moeder. Victoria (bovenste foto), geboren op 23 september 1838, ging pas op haar achtste naar de lagere sc
hool, maar zou daar drie lang slechts onregelmatig naar toe gaan. Op haar elfde verliet ze definitief de school. In 1853 trouwde ze op vijftienjarige leeftijd met ene dr. Canning Woodhull, die zich al snel ontpopte als een alcoholistische rokkenjager. Om het nog moeilijker te maken, beviel Victoria in 1854 van een geestelijk gehandicapte zoon. In 1864 scheidde zij weer. Ze zou later nog twee keer hertrouwen en scheiden en tot slot voor een vierde keer trouwen, dat alles in een tijd dat scheiding erg ongebruikelijk was en sociaal zeer werd afgekeurd.
In 1858 adverteerde Buck zijn dochter Tennessee als het ‘Wonderful Child’, die helderziende en een magnetiseur zou zijn. De vroegwijze waarzegster zou het vermogen hebben om allerlei ziektes te genezen, van ‘koortsblaasjes tot kanker’. De consultaties kostten één dollar, Tennessee werkte dagelijks dertien uur in diverse kleine steden in het midwesten van de Verenigde Staten. Voor twee dollar konden belangstellenden, en die waren er in overvloed, een flesje ‘Miss Tennessee’s Magnetio Elixir’ kopen, een totaal waardeloos brouwsel. In 1863 huurde Buck een heel hotel in Ottawa, Illinois. Hij noemde zichzelf ‘The King of Cancer, maar adverteerde toch vooral met Tennessee’s genezende vermogens. Een onderdeel van hun praktijk was nu minder onschuldig geworden, want de Claflins gebruikte nu loog, wat de huid van hun patiënt verbrandde. Niet verwonderlijk dat in juni 1864 de politie de hotelkliniek van de Claflins binnenviel en de familie moest vluchten. De autoriteiten beschuldigden de Claflins familie van negen
misdaden, waaronder wangedrag en medische fraude (kwakzalverij). Tennessee werd geconfronteerd met de ernstigste aanklacht, omdat ze de schuld kreeg van de dood van de patiënte Rebecca Howe. De familie hoefde echter nooit voor de rechtbank te verschijnen om verantwoording af te leggen voor hun nep-kankergenezing en de ernstige gevolgen voor sommige patiënten.
Ze reisden een aantal jaren door het land voordat het gezin in 1868 verhuisde naar New York, waar Victoria en Tennessee ze bleven werken als spiritualisten en al snel een tijdje berucht werden, maar tegelijkertijd toch ook beroemd. In de herfst van 1868 bezocht Buck de zakenmagnaat Cornelius Vanderbilt (Staten Island, 27 mei 1794-Manhattan, 4 januari 1877), de stamvader van het scharijke Vanderbilt-imperium. Hij was ondernemer in scheepsbouw en spoorwegen; omstreeks 1840 voeren meer dan honderd van zijn stoomschepen op de Hudsonrivier en tijdens de Californische goldrush (1848-1856) slaagde hij erin de verbinding naar Californië via Nicaragua drastisch in te korten. Buck had gehoord dat Vanderbilt geïnteresseerd was in massage en magnetische genezing en hij presenteerde Victoria als spiritueel medium en Tennessee als genezer. Cornelius en Tennessee begonnen veel tijd met elkaar door te brengen en er gingen sterke geruchten over een affaire. Vanderbilt was getrouwd met Sophia Johnson (1797-1868), met wie hij dertien kinderen kreeg. Toen zij in 1868 overleed, hoopte Tennessee dat de ondernemer met haar zou trouwen maar tot haar grote teleurstelling hertrouwde hij een jaar later met zijn nicht Frank Armstrong Crawford.
