BOMBARDEMENTEN OP NEDERLAND 02
Toen de oorlog in 1939 uitbrak was Schiphol nog niet meer dan bescheiden luchthaven in een kale polder van de gemeente Haarlemmermeer, maar toch ook al volop in bedrijf als burgerluchthaven. Luchtvaartmaatschappij KLM had al jarenlang intercontinentale lijndiensten naar Batavia (Jakarta) en Curaçao en bood via Curaçao ook vluchten aan naar Noord-, Zuid- en Midden-Amerika. Toen Duitsland op 10 mei 1940 ons land binnenviel werden een aantal strategische plaatsen gebombardeerd, voornamelijk luchthavens. Schiphol was er een van. Op 11 mei 1940 werd de luchthaven voor een tweede maal door de Duitsers gebombardeerd. Zodra Nederland op 15 mei 1940 capituleerde, werd de luchtvanen door de Duitsers omgedoopt in Fliegerhorst 561 en in gebruik genomen als militaire vliegbasis.
Een van de vliegtuigen die op de Pinksterzaterdag 11 mei 1940 op weg was naar Schiphol voor het tweede bombardement werd waarschijnlijk geraakt door het Nederlandse afweergeschut dat in Sloten stond. Het aangeschoten vliegtuig heeft toen om gewicht kwijt te raken haar bommen afgegooid, die in Amsterdam terecht kwamen. Er is een onwaarschijnlijke alternatieve theorie dat het oude postkantoor achter het Paleis op de Dam, slechts 350 meter verwijderd van de plaats waar de bomen terecht kwamen, het doelwit zou zijn geweest. Hier was namelijk een communicatiecentrum van het Nederlandse leger gevestigd.
Van de vier brisantbommen van 250 kilo van de Junkers Ju 88-bommenwerper kwam er één terecht op de panden aan de Blauwburgwal, hoek Herengracht. In zeven panden werden twaalf woningen weggevaagd. Ook café Pelle werd vernield. Twee andere bommen ontploften in het water van Herengracht en Blauwburgwal. Een vierde bom is niet ontploft, die ligt nog altijd in de modder van de Herengracht. Er vielen 44 doden (29 mannen, 10 vrouwen, 4 meisjes en een jongen) en 79 gewonden, plus raakten velen getraumatiseerd. Fotograaf Cas Oorthuys van de Arbeiderspers was snel ter plaatse en fotografeerde hoe omstanders ontredderd proberen te redden wat er nog te redden viel. Zijn foto’s werden pas na de oorlog gepubliceerd.
Het was het eerste bombardement op een burgerdoel, maar bleef zeer lang totaal in de vergetelheid. In de hectische dagen van oorlogshandelingen verschenen in de Nederlandse pers maar een paar korte berichten, die amper opvielen in de stortvloed van andere berichten over de gevechtshandelingen. Dat gold ook voor de andere bombardementen die elders in het land in die meidagen plaatsvonden. Het Volk berichtte later die dag in haar krant: ‘Amsterdam heeft hedenochtend zijn eerste ervaring opgedaan met de moderne luchtoorlog. Te elf uur ’s ochtends dook eensklaps een Duitse bommenwerper uit de laag hangende wolken te voorschijn en liet een zware bom vallen.’ Dat er nog drie andere bommen neerkwamen bleef onvermeld.
Nadat op 14 mei 1940 Rotterdam was gebombardeerd, raakte deze kleine bombardementen al helemaal uit dec belangstelling. Na de capitulatie zorgden de Duitsers er voor dat de berichtgeving over de bombardementen al helemaal stilviel. Ze hadden er geen belang bij dat bekend werd dat in de eerste oorlogsdagen zoveel onschuldige burgerdoden waren gevallen. De 44 doden werden begraven zonder dat er ruchtbaarheid werd gegeven aan het feit dat ze bij een bombardement om het leven waren gekomen.
Pas in 2016 werden de namen door Fred Geukes Foppen achterhaald toen hij in het kader van het Project Amsterdamse Doodsoorzaken de overlijdensaktes bestuurde die destijds uitgeschreven waren. Hij stuitte toevallig op een namenlijst van de 44 dodelijke slachtoffers. Zijn onderzoek leidde tot het boek Bommen op de Blauwburgwal, waardoor het bombardement eindelijk aandacht kreeg. Op 11 mei 2020 onthulde oud-burgemeester Job Cohen op de hoek Blauwburgwal-Herengracht een plaquette met de namen van de slachtoffers. Sindsdien wordt de bomaanval jaarlijks op 11 mei herdacht.


- 7 juli 2025
- 2 - GESCHIEDENIS, WO 2 - bombardementen op nederland
- Reacties gesloten
