26 AUGUSTUS – JAN VAN STRAELEN

Jan van Straelen (Bussum, 26 augustus 1915 – Leusderheide bij Amersfoort, 29 juli 1943) was een Nederlands verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij maakte deel uit van de Groep-Dobbe en deed onder leiding van Gerard Reeskamp en Theo Dobbe, die in 1940 samenwerkten in de actiegroep Reeskamp, mee aan de wapenoverval op de vesting Naarden in 1940 en de aanslag aan de Bernard Zweerskade te Amsterdam 1941. Hij werkte samen met onder meer zijn broer Ton en zijn zus Ans, die enige maanden gearresteerd is geweest om de schuilplaats van haar broer Jan prijs te geven, wat zij niet heeft gedaan. Hij stal koffers van hoge Duitse officieren die vervolgens naar Engeland werden gesmokkeld. Een opmerkelijk wapenfeit is dat hij in een Duits marineuniform het hoofdkwartier van de Duitse Marine in Amsterdam binnenging en vervolgens weer naar buiten kwam met de blauwdrukken van een nieuwe U-boot. Van Straelen hield zich voornamelijk bezig met spionage.

Hij was een van de leidende figuren binnen de Ordedienst. De top van de OD kwam regelmatig bijeen in café Rademaker in Hilversum met als voorman Willem Rademaker. Tot voor kort was hier weinig over bekend, tot er recentelijk geheime briefjes tevoorschijn kwamen, die in 1943 uit de gevangenis in Utrecht waren gesmokkeld. Aldaar gaf de inmiddels gevangen gezette Van Straelen opdracht tot het liquideren van provocateur J. de Droog. Vanuit Utrecht werd hij vervolgens naar Kamp Amersfoort gestuurd. Daar werd hij met twintig andere verzetsstrijders tijdens het Tweede Ordedienstproces ter dood veroordeeld wegens ‘Feindbegünstigung’ en op de Leusderheide bij Amersfoort gefusilleerd. Deze groep bestond behalve Van Straelen uit de volgende verzetsstrijders: Anton Abbenbroek, Lex Althoff, Christiaan Frederik van den Berg, jhr. W.Th.C. van Doorn, F. Dudok van Heel, R. Hartogs, W.H. Hertly, J.F.H. de Jonge Melly, E.A. Latuperisa, Adriën Moonen, W. Mulder, A.C.Th. van Rijn, Johan Schimmelpenninck, S. Vaz Dias, G.F.M. Vinkesteyn en A. Wijnberg. Van Straelen is in Amersfoort herbegraven met militaire eer, wat opmerkelijk is voor een burger. Postuum is hem het Verzetsherdenkingskruis toegekend.

In 1995 verscheen bij uitgeverij De Schaduw in Tilburg het boek Ik ben volkomen rustig: verzetsbrieven uit de dodencel van Herman Post, waarin alle geheime briefjes die Van Straelen de gevangenis wist uit te smokkelen zijn gebundeld. Naar aanleiding daarvan verscheen in het Algemeen Dagblad het volgende artikel.

Moed gepaard aan geloof

In de kracht van zijn leven is de 27-jarige Jan van Straelen, wanneer hij in zijn cel op toiletpapier veertig clandestiene brieven schrijft. Hij weet ze in lege tandpastatubes en andere lege emballage de Kriegswehrmachtsgefängnis aan de Gansstraat in Utrecht uit te smokkelen. De papiertjes, vaak niet groter dan een kassabon, krabbelt hij in kleine letters vol met boodschappen voor zijn familie en vrienden over het leven in gevangenschap. ‘Wel leuk dat we die mofjes zo bij de neus nemen’, schrijft hij.

Van Straelen is de oudste zoon in een gezin met elf kinderen, die in 1941 na het overlijden van hun moeder vroeg wees worden. Hij is een intelligente en muzikale jongeman, die zelden zonder pijp wordt gezien. Al vroeg in de oorlog komt Van Straelen in verzet tegen de Duitse bezetter. Van een avontuur schrikt hij niet en soms gaat hij roekeloos en impulsief te werk. Zijn zwager schrikt zich rot, als hij hem eens in Wehrmachtuniform tegenkomt: Van Straelen sprak zo goed Duits dat hij doodleuk als infiltrant een vergadering van Wehrmachtofficieren bijwoonde. Niemand kreeg argwaan. Ook steelt Van Straelen regelmatig vuurwapens. Zo hangt hij zijn jas over een koppel met wapen die Duitsers aan de kapstok hebben gehangen om bij vertrek stiekem jas én koppel mee te nemen. Broer Ed ziet eens hoe hij handgranaten onder een plank op de zoldervloer tevoorschijn haalt en ze in sinterklaaspapier verpakt.

Van Straelen sluit zich aan bij de befaamde Ordedienst, één van de eerste overkoepelende verzetsorganisaties in Nederland. Veel leden zijn cadet of adelborst, landmacht- of marineofficier in opleiding. Ze hebben aanvankelijk een langetermijndoel: handhaving van de orde na het vertrek van de Duitsers. Maar al snel ontwikkelt de Ordedienst zich tot een inlichtingendienst. De bezetter maakt echter door de nauwe onderlinge banden korte metten met de leden. Op 3 mei 1942 worden, na het eerste OD-proces nabij Kamp Amersfoort, al 68 OD-leden en andere verzetsmensen in Sachsenhausen gefusilleerd.

Op 7 september 1942 wordt Van Straelen gearresteerd. Na twee weken wordt hij overgebracht naar de gevangenis in Scheveningen. Vanaf 6 november verblijft hij twee maanden in Kamp Amersfoort. Het kamp is door honger, mishandelingen en terreur een hel in vergelijking met de cellen in het ‘Oranjehotel’. Vanwege de tijdelijke ontruiming van Kamp Amersfoort, ten behoeve van een uitbreiding, volgt na twee maanden overplaatsing naar Kamp Vught en later naar Haaren, waar het tweede OD-proces plaatsvindt. Op 27 april 1943 veroordeelt een Duitse rechtbank hem ter dood, waarna hij naar de gevangenis in Utrecht wordt overgebracht. De brieven die Van Straelen daar stuurt en ontvangt, zijn een aangename afleiding van het eentonige gevangenisleven, dat letterlijk en figuurlijk uitzichtloos is. Vanuit zijn cel bevadert hij zijn jongere broers en zussen met adviezen over hun studie. Verder voelt Van Straelen zich dikwijls nutteloos en machteloos. Toch begint hij zijn brieven doorgaans hoopvol met het woordje PAX! Van Straelen wil na de oorlog priester worden. Hij paart een enorme dosis moed aan een onwankelbaar geloof in God. Over de dreigende voltrekking van de doodstraf, door hem ‘de overgang naar de Eeuwigheid’ genoemd, schrijft hij: ‘Moet het gebeuren, dan ben ik klaar; gebeurt het niet, dan zeer dankbaar’.

Op 29 juli 1943 om half drie klinken op de Leusderheide schoten. De 13-jarige Ed van Straelen weet niet eens dat zijn broer is vastgezet en moet uit de krant vernemen dat hij wegens ‘spionage en sabotage’ met vijftien anderen is gefusilleerd. Pas 51 jaar na dato krijgt hij de brief in handen die zijn broer aan hem heeft geschreven. Het is voor journalist Herman Post de aanleiding een boek aan de gefusilleerde verzetsman te wijden: Ik ben volkomen rustig, Verzetsbrieven uit de dodencel. Na de oorlog wordt het lichaam van Van Straelen gevonden in een massagraf. De omgeving van Kamp Amersfoort blijkt de grootste executieplaats van ons land te zijn. Op 21 november 1945 wordt hij met kameraden na een indrukwekkende plechtigheid herbegraven op Rusthof.

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: