TITUS BRANDSMA (1)

01 - Titus 15 jr TITUS BRANDSMA
Martelaar der vrije meningsuiting en onderwijsvrijheid

DEEL 1

Inleiding

Titus Brandsma was een karmelietenpater, geleerde, publicist en Nederlande verzetsstrijder. Voor de oorlog was hij al actief in een groot aantal bewegingen op het terrein van cultuur, natuur, emancipatie, onderwijs en journalistiek. In de dertiger jaren was hij een van de eersten die actief in verzet kwam tegen de opkomst van het nationaal-socialisme. Een lijn die hij na de bezetting onverkort en openlijk doorzette. Vanwege zijn verzet tegen Duitse maatregelen om de vrije meningsuiting te belemmeren en de onderwijsvrijheid in te perken, alsmede zijn protesten tegen de maatregelen jegens de joodse bevolking, werd hij gearresteerd. Na verhoor in Scheveningen, werd hij via kamp Amersfoort en de gevangenis van Kleef gedeporteerd naar het concentratiekamp Dachau, waar hij op 26 juli 1942 overlijdt. Nog tijdens de oorlog wordt hij een lichtend voorbeeld van verzet tegen onderdrukking en symbool voor een wereld van begrip en verdraagzaamheid. In 1985 wordt hij door paus Johannes Paulus II zalig verklaard.

1892-1909: Opleiding en vorming

Anno Sjoerd Titus Brandsma wordt op 23 februari 1881 geboren in Oegeklooster, een gehucht bij Bolsward. De familie Brandsma heeft in Oegeklooster een statige boerderij, tamelijk afgelegen in het toch al lege en weidse Friese land. De naam Oegeklooster verwijst naar de naam van een uithof van een middeleeuws Cisterciënzer klooster, het St. Hugoklooster. Constant Dölle beschrijft in zijn biografie van Titus Brandsma hoe het leven in het gezin Brandsma wordt gedomineerd door plichtgetrouwe arbeid, door de rust van het platteland en door het getrouw vervullen van de kerkelijke verplichtingen. Aan de hand van een foto geeft hij verder een mooie illustratie van het karakter van het oud katholieke Friese boerengeslacht Brandsma. De foto is genomen op 15 augustus 1911 (*) als ook dochter Siebrigje in een plechtige viering de Eeuwige Gelofte heeft gedaan in de congregatie van de Missiezusters van het Kostbaar Bloed te Beek en Donk. Ze is daarmee de vijfde van de zes kinderen Brandsma die heeft gekozen voor het religieuze leven. Wat natuurlijk typerend is voor de sterke religiositeit van het gezin. Even typerend is het dat alle vijf in een andere kloosterorde intreden. De oudste dochter Baukje en tweede dochter Plone waren al ingetreden bij de zusters Clarissen in het Brabantse Megen en de zusters Franciscanessen in Rotterdam. Anno Sjoerd was ingetreden bij de Karmelieten in Boxmeer en Hendrik was ingetreden bij de Minderbroeders Franciscanen. Gatske, de andere dochter, is de enige die wel getrouwd is en door haar twee kinderen de familie zal doen voortleven.

02 - Titus 20 jrOp een vroege ochtend in september 1892 moet een nog pas elfjarige Anno zich melden bij de tramhalte in Bolsward om van daaruit door te reizen naar Megen. Aan het eind van de dag meldt hij zich bij het Minderbroedersklooster Sint Antonius van Padua om leerling te worden aan het gymnasium. Doel is om priester te worden. Megen lag in die tijd in de Vrije Heerlijkheid Ravenstein en behoorde met de kernen van Boxmeer, Gemert en enige andere omliggende dorpen en buurtschappen tot de zogenaamde niet-staatse gebieden. Bij de Vrede van Munster in 1648 was bepaald dat in dit gebied vrijheid van godsdienst zou heersen. Dat betekende dat in dit gebied de kloosterorde die gedurende de Tachtigjarige Oorlog al hun bezittingen hadden verloren, opnieuw hun kloosters en studiehuizen mochten bouwen. De Latijnse scholen van Boxmeer en Megen waren dan ook vanaf dat moment zeer populair bij de katholieken in de diaspora.

Na zijn studietijd in Megen maakt Brandsma een weinig gebruikelijke overstap. Hij besluit niet in te treden bij de Franciscanen. Op 17 september 1898 doet hij zijn intrede in het noviciaat van de paters Karmelieten te Boxmeer en neemt hij definitief de naam Titus aan. Zijn beweegreden voor de overstap is tweeledig. Op de eerste plaats is hij zich er terdege van bewust een zwakke gezondheid te hebben. De Franciscanen zijn vooral actief in het ambt van pastoor en rondtrekkend prediker. Titus realiseert zich dat zo’n ambt waarschijnlijk te zwaar zal zijn bij zijn zwakke gestel. Nog belangrijker echter is voor hem dat de Franciscanen zich meer bezig hielden met het tijdgebondene, met het actuele, met de zaken die gedaan moesten worden. De Karmelieten daarentegen waren meer gericht op het tijdloze, op het contemplatieve, op het mystieke, op de zuiverheid van de leer. Deze kant spreekt de jonge Titus meer aan. Dat naar binnen gekeerde leven van de Karmelieten ziet men het meest treffend terug in de sobere cel die elk der broeders er krijgt voor het steeds meer verdiepen van hun spiritualiteit. De eerstvolgende twee jaren van zijn noviciaat worden gekenmerkt door een strakke regelmaat van gebed, arbeid, bezinning en rust. Na zijn noviciaat begint vanaf 1900 tot 1906 een periode van studie en vorming. Hij verdiept zich er erg in de wijsbegeerte en theologie. Ook schrijft hij er zijn eerste publicatie, een bloemlezing uit de werken van Teresa van Avila. Titus laat weten iets in deze Teresa in zichzelf te herkennen: rusteloos bezig zijn met diverse uiteenlopende zaken zonder zichzelf te verliezen en het besef als klein radertje in het grote geheel slechts te kunnen doen wat men vermag te doen. Teresa zal als gevolg daarvan door de machtige Inquisitie om te leven komen. We kunnen hierin al een voorbode zien van het leven dat de nog zeer jonge Titus te wachten staat. In de daarop volgende jaren publiceert hij voor allerlei religieuze bladen en tijdschriften artikelen. Op 17 juni 1905 wordt hij in de Sint Jans Kathedraal in Den Bosch tot priester gewijd. Hij had gehoopt aansluitend te kunnen gaan studeren aan de Gregoriaanse Universiteit in Rome, zoals hem altijd was toegezegd. Zijn provinciale overste vindt het echter op dat moment vanwege zijn precaire gezondheid niet verantwoord. Iets later volgt voor een tweede maal uitstel omdat men vindt dat Titus de neiging heeft “een voorliefde voor gevaarlijke stellingen” te hebben. Al jong manifesteert zich bij Brandsma het karakter om vastomlijnde ideeën te ontwikkelen en deze ook luid en duidelijk uit te spreken, omgeacht de consequenties die er aan verbonden zijn. Hij krijgt voor een half jaar administratief werk opgedragen. Iets later gaat zijn wens echter alsnog in vervulling. Van 1906 tot 1909 studeert hij wijsbegeerte en sociologie te Rome.

03 - FamiliefotoDe jeugd- en vormingsjaren van Brandsma vinden plaats in een periode dat de katholieke kerk in Nederland zich in een fase van snel herstel bevindt. Vanaf de 17e eeuw was de katholieke kerk ten noorden van de grote rivieren bijna geheel verloren gegaan. Vanaf halverwege de 19e eeuw komt een voorzichtig herstel op gang, waarbij in eerste instantie kerken en kloosters herbouwd worden. Er is echter in deze periode een ernstig gebrek aan kader, omdat men de katholieken vooral vindt onder de boeren en neringdoende middenstand. De emancipatiebeweging der katholieken wordt dan ook vooral gedragen door de priesters en religieuzen, die een grote hoeveelheid taken op zich nemen, vooral in het onderwijs, de verpleging en de bejaardenzorg. Er wordt echter al snel erkend dat om de katholieke emancipatie goed op gang te laten komen en een blijvend zichtbare, brede kerk te realiseren gezorgd moet worden voor een verbreding van het wetenschappelijke of hoger opgeleid kader waaruit men kan putten. Brandsma zal in deze ontwikkeling een sleutelpositie gaan innemen.

Boven: Anno Sjoerd op 15-jarige leeftijd
Midden:  Frater Titus op 20-jarige leeftijd
Onder: De familie Brandsma in 1911

 

 

Advertenties
Dit item was geplaatst door Muis.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: