Abraham ‘Bob’ Wijnberg (Groningen, 17 oktober 1913) was een zoon van Mozes Wijnberg (Leek, – Vught, – Sobibor, 15 juli 1909 – Sobibor, Vrouwgien (Groningen, 6 augustus 1911) overleefde als enige van het gezin de oorlog. Bob was getrouwd met Mimi Gobits (Den Haag, 29 december 1914), het oudste kind van stoffeerder Samuel Gobits en Rebecca Leeuwin. Haar ouders hadden in Dordrecht twee goedlopende meubelzaken aan de Voorstraat. Het gezin was traditioneel joods. Alle feestdagen werden gevierd en het huishouden was koosjer. Dat gold ook voor het gezin Wijnberg, al hield zoon Bob zich niet bepaald aan de spijswetten. Hij was vooral geïnteresseerd in de linkse zionistische jeugdbewegingen, zoals zoveel joodse jongeren – net als zijn aankomende vriendin Mimi. In 1932 ontmoetten Bob en Mimi elkaar tijdens een bijeenkomst van de Nederlandse Zionisten Bond. Ze waren eerst van plan naar Palestina te emigreren, maar het lukte Bob niet er vast werk te vinden en hij keerde terug. De jonggeliefden trouwden en kregen op 6 juli 1942 een dochter: Chawwa Hadassah Riwka. In 1941 ging Bob in het gewapend verzet, maar op 24 juli 1942 werd hij in Ede gearresteerd. Als gevolg van die arrestatie moeten Mimi en Chawwa in juli 1942 in Ilpendam onderduiken, wanneer ze nog maar zestien dagen oud is. Ze zouden de oorlog overleven, honderden familieleden werden echter vermoord in de vernietigingskampen. (meer…)


Adele Laurie Blue Adkins beter bekend als Adele (Tottenham, Londen, 5 mei 1988) behoeft geen verdere introductie. De Britse popzangeres brak in 2008 door bij het grote publiek met haar album 19 (waarmee ze haar leeftijd op moment van uitgave aangaf, een methode die ze later consequent volhield) en singles als Chasing Pavements en Make You Feel My Love. In 2010 en 2011 had ze grote hits met Rolling in the Deep, Set Fire to the Rain en Someone Like You, afkomstig van haar tweede album 21. In 2012 schreef ze het nummer Skyfall voor de gelijknamige James Bondfilm. In 2015 kwam

Het communistische Arbeiders-Schrijverscollectief Links Richten gaf in de jaren 1932 en 1933 elf nummers van het gelijknamige tijdschrift. Uit nummer 3 van het blad is al eens de bijdrage
Salomon Vaz Dias (Amsterdam, 1 juni 1904) was een Nederlands journalist, fotograaf en verzetsstrijder, die in de dagelijkse omgang door iedereen Sieg werd genoemd. Hij was de zoon van de kunsthandelaar Jacob de Salomon Vaz Dias en Hana Hamburger, die al voor de oorlog naar Groot-Brittannië waren geëmigreerd. Hij had één zus,
66e HINK-STAP-SPRONG DOOR DE TIJD
Reinder Brolsma (Stiens, 23 mei 1882 – Leeuwarden, 23 november 1953) was een Nederlandse schrijver en journalist, die alleen in het Fries publiceerde. Hij was een van de acht kinderen van her gezin Brolsma in Stiens. Op zijn zestiende ging hij in de leer bij zijn oudere broer Jolke om huisschilder te worden. In 1910 vestigde hij zich als schildersbaas in Lichtaard. In dat jaar, op 5 maart 1910, trouwde hij in Ferwerd met Janke Lieuwes Westerbaan. Het paar kregen drie kinderen. In 1903 werd Brolsma secretaris van de rederijkerskamer Halbertsma in Stiens, waarvan onderstaande foto is (Brolsma geheel links). Zijn eerste publicatie, het korte verhaal Sinnestrielen, verscheen in 1903 in het tijdschrift Sljocht en Rjucht. In 1937, toen hij inmiddels 55 jaar oud was, kon hij de verfkwast neerleggen want vanaf dat moment was hij als journalist werkzaam bij het Leeuwarder Nieuwsblad en Nieuwsblad voor Friesland. Hij schreef onder meer de rubriek ‘Gesprekken op de brug’. Hij heeft een negental publicaties op zijn naam staan: It Heechhof (1926), De Skarlún (1929), Neisimmer (1931), Sate Humalda (1934), It Aldlan (1938, deel 2 van de trilogie It Heechhof), Groun en minsken (1940), Richt (1947, deel 3 van de trilogie It Heechhof), Sa seach ik Fryslân (1951) en Folk fan Fryslân (1952). De It Heechhof-trilogie werd in 1993 herdrukt. In zijn romans, verhalen, schetsen en toneelstukken toont hij zich een scherp waarnemer van het leven op het platteland en van de kleine burger en achterbuurtbewoner uit de stad. Zijn werk is realistisch, met een milde kijk op zijn medemens. Dikwijls beeldt hij de mensen uit in de zware strijd om het bestaan, zoals die tijdens de landbouwcrises van 1880 en 1930 door velen gevoerd moest worden. Hij ontleende zijn inspiratie soms aan de dorpsbewoners van zijn geboorteplaats Stiens, de boeren en arbeiders in de Noordwesthoek, maar ook Leeuwarden is redelijk vaak plaats van handeling. In het verhaal ‘Hy’ in Sa seach ik Fryslân vertelt hij over zijn jeugd in Stiens.
Frank Watkinson, een 68-jarige gepensioneerde uit Huntingdon (een plaatsje in de omgeving van Cambridge), kan met recht een overnight-sensation worden genoemd. Ik kwam hem recent op YouTube tegen toen ik op zoek was naar covers van The Days of Pearly Spencer van David McWilliams. Een van de pareltjes die ik er aantrof was dus van Frank, die maar liefst 341.000 abonnees heeft op
Twee jaar later werd de Italiaanse koloniale droom een klein beetje ingevuld. Tussen 15 november 1884 en 26 februari 1885 werd de Koloniale Conferentie van Berlijn gehouden, waar veertien Europese landen en de Verenigde Staten onbeschaamd Afrika verdeelden. Groot-Brittannië richtte zich op het bezitten van een ononderbroken strook van Egypte tot aan Zuid-Afrika, dus het oosten en zuiden van het continent. Dat Nigeria en Zuidelijk Afrika Brits werden was grotendeels het gevolg van particulier initiatief. Het Britse streven werd doorkruist door dat van de Fransen die een west-oostverbinding wilden, een strook die het gehele continent bestreek vanaf de Atlantische Oceaan, via de Sahara, tot aan de Rode Zee. Op het snijpunt kwam het bijna tot een gewapend treffen, het Fashoda-incident. Het Britse streven werd ook doorkruist door de Duitse aanwezigheid in Duits-Oost-Afrika (het huidige Tanzania). Duitsland had behalve Tanzanië ook Namibië, Kameroen, en Togo toegewezen gekregen. België kreeg de begeerde vette kluif Congo, die privébezit van koning Leopold II zou worden. Portugal voegde Angola en Mozambique toe aan hun bezittingen en Spanje bezette het zuiden van Marokko. En de Italianen mochten Libië, Somalië en Eritrea bezetten. 
Als iemand achterbaks wordt genoemd, wil dat zeggen dat het een stiekemerd is. Het is iemand die van alles uitspookt en bekonkelt achter de rug van anderen om. Iemand die het achter de ellebogen heeft (wat ook een uitdrukking die verklaring behoeft, zie hiervoor
Dietrich Friedrich Eduard Kasimir von Saucken (Fischhausen, 16 mei 1892 – Pullach im Isartal, 27 september 1980) was een Duits aristocraat, een telg uit het oude Pruisische geslacht
Ara Duzian is een Amerikaans-Franse zanger-gitarist, waarover verder schrikbarend weinig is te vinden. Dan kom ik weer tegen dat hij in Parijs of omgeving woonachtig is, maar andere summiere berichten geven aan dat hij in Normandië verblijft. In elk geval treedt hij regelmatig in die hoek van Frankrijk op. Enkele jaren geleden heeft hij meegespeeld in de Frans-Amerikaanse band
Op 25 juli 1940 verscheen van
Frans Goedhart (Amsterdam, 25 januari 1904 – Amsterdam, 3 maart 1990) was een Nederlands politicus, verzetsstrijder en journalist. Vanaf zijn zesde jaar groeide hij op in verschillende weeshuizen, nadat zijn vader overleden was en zijn moeder niet in staat was hem te verzorgen. Na afronding van zijn MULO-opleiding in Dieren in 1922 werd hij als leerling-journalist aangenomen bij de Velpsche Courant. Een jaar later kwam hij in dienst bij de Provinciaalsche Geldersche en Nijmeegsche Courant. In 1924 trad hij in dienst van De Telegraaf, maar na anderhalf jaar werd hij ontslagen omdat hij aan astma leed. Hij slaagde er daarna nauwelijks in het hoofd boven water houden en greep de kans aan een baan te krijgen bij de Belgische krant Het Laatste Nieuws, een krant die in juni 1888 in Brussel was opgericht en een liberale en vrijzinnige karakter had. De krant was aanvankelijk een spreekbuis van het radicaal antiklerikalisme, maar later werd een ruimer publiek bereikt door een gematigdere stijl, meer regionaal nieuws en een verruimde sportkatern. Tijdens de Tweede Wereldoorlog zou het blad onder Duitse censuur blijven verschijnen. Hier beleefde Goedhart de eerste jaren van de economische depressie. Omdat hij in 1931 deelnam aan een grote typografenstaking werd hij hier ontslagen. Hij en zijn echtgenote (hij was op 10 juli 1929 in het huwelijk getreden met Maria van den Ring, met wie hij een zoon kreeg. Dit huwelijk werd ontbonden op 12 november 1945. Op 13 december 1945 hertrouwde hij met Maria van Alebeek, lerares Nederlands en geschiedenis, met wie hij een dochter en een zoon kreeg) keerde begin 1932 terug naar Nederland.
Edu Snethlage (Ngawi, Nederlands-Indië, 9 mei 1886 – Medan, Nederlands-Indië, 12 januari 1941) was een Nederlandse voetballer en medicus, afkomstig uit een voormalig Duitse domineesfamilie
Van de Franse componist, gitarist en zanger Rodolphe Burger (Colmar, 26 november 1957) is hier al twee maal wat geplaatst. De eerste maal met het nummer
Kevin Prenger (1980, hoofdredacteur bij Traces of War) heeft een aantal boeken over de Tweede Wereldoorlog geschreven, waaronder biografieën van Kurt Gerstein (
Pieter ’t Hoen (gedoopt 18 oktober 1744 in Utrecht – Amersfoort, 9 januari 1828) was een Nederlands journalist, dichter en politicus die een belangrijke rol speelde tijdens de Patriottentijd als de redacteur van
Johan Frederik Henri de Jonge Mellij (Amsterdam, 16 oktober 1905) was een eerste luitenant der infanterie, die in 1938 bij het Kaderbataljon te Laren werd geplaatst en woonachtig was in Bussum. Hij maakte in Den Haag deel uit van een informele groep van cadetten van de KMA te Breda, die de onderlinge contacten intact wilde houden. Tot die groep behoorde onder meer de tweede-luitenant 
Rowwen Hèze is een in 1985 opgerichte band uit America (Limburg), die overwegend in het Horsterse dialect van dit dorp zingt. De muziek varieert qua genre van gevoelige ballads tot snellere tex-mex- en folknummers. De band ontstond omdat de band The Legendary Texas Four een nieuwe zanger zocht en in Jack Poels een geschikte kandidaat vond. Poels had de voorgaande tien jaar zongen en gespeeld bij de opgeheven hardrockband Bad Edge uit America, die vooral covers speelde van Britse rockgoden als Status Quo en Thin Lizzy. Poels: ‘We hadden lang haar, we droegen eigen T-shirts en ik had in Amsterdam prachtige ‘blue suede shoes’ gekocht. Dat gaf een hele schok: een jongen met spitse schoenen was hier nog niet vertoond. We speelden onverbiddelijk scheurende gitaarmuziek.’ Poels stelde een voorwaarde om toe te treden tot de band: hij wilde één zelfgeschreven liedje in het lokale dialect vertolken. De overige bandleden gingen akkoord en de band besloot zich te hernoemen omdat hun oude naam te ver van hen afstond. Men kwam toen uit bij de naam Rowwen Hèze, een verwijzing naar
Christiaan Hesen (Horst, 19 mei 1853 – Tegelen, 5 februari 1947) was een dorpsfiguur uit het Limburgse dorp America, die postuum legendarisch zou worden. Hij was de zoon vaneen arme dagloner, de jongste van acht kinderen. Met z’n 1,61 meter was hij betrekkelijk klein van stuk en zijn dikke neus en ronde kin maken hem tot een markant figuur. Hij trouwde op 30 november 1883 in Horst met de drie jaar jongere Maria Scheeres uit Roggel. Kort daarna verhuisde het echtpaar naar America, waarschijnlijk omdat werk te vinden was in dat dorp van veenarbeiders dat pas enkele decennia bestaat. Door verbeterde landbouwmethoden en de uitvinding van kunstmest vonden in de loop van de negentiende eeuw in de Peel kleinschalige ontginningen plaats van de immense heidevelden, wat steeds gepaard ging met de bouw van boerderijen. De ontwikkeling van America tot dorp hing ook samen met de aanleg van de spoorlijn Venlo-Eindhoven. Op de plaats waar een karrenspoor de spoorlijn kruiste, werd in 1866 Wachtpost 16 gebouwd, wat uitgroeide tot een dorpskern met onder meer een school (1888), een kerk (1892) en een bakkerij met maalderij, winkel en café (1892). Werk is vooral te vinden in het naburige Griendtsveen, waar op grote schaal turf wordt gewonnen en verwerkt, onder impuls van de familie Van de Griendt. Jan van de Griendt (1804 – 1882), een koopman uit Den Bosch, was de aannemer van het traject Helmond-Venlo van de spoorlijn geweest. In 1853 was hij een van de oprichters van de Maatschappij tot ontginning en vervening van de Peel, later omgedoopt in Maatschappij Helenaveen. Hij stichtte het dorp Helenaveen, dat in Noord-Brabant ligt. Zijn zoons Jozef en Eduard zetten zijn werk voort en stichtten in Limburg het dorp Griendtsveen, waar de 



Rudolf Hartogs (Berlijn, 1918) was een boekhouder te Amsterdam. Hij werd op 18 april 1942 in Amsterdam opgepakt, samen met Jacob Knol. Er is nergens te achterhalen voor welk misdrijf beide mannen werden aangehouden en hoe het direct daarna is verlopen. Van Jakob Knol (Amsterdam, 17 april 1914) is bekend dat hij op van 6 november 1942 tot 16 januari 1943 gevangen zat in kamp Amersfoort, daarna tot 11 maart in kamp Vught, daarna tot 25 oktober 1943 op een onbekend gebleve locatie verbleef, op 25 oktober 1943 op transport werd gezet naar Natzweiler en van daaruit op 6 september direct naar Dachau. Sommige bronnen zeggen dat hij ook van daaruit direct werd doorgestuurd, nu naar 
Boudewijn de Groot (Batavia, 20 mei 1944) werd aan het eind van de Tweede Wereldoorlog in een Japans interneringskamp in Batavia geboren. Zijn moeder, Sophie Elisabeth Saueressig, overleed in juni 1945 in het Japanse interneringskamp
In de nacht van 3 op 4 december 1863 woedde een zeer zware storm in het Noordzeegebied en ook elders in Europa was het aan de kust aanhoudend uitzonderlijk zwaar weer. De hele week werd beheerst door storm; van het Skagerrak tot aan Zuid-Spanje hadden de kusten het hevig te verduren.
In de nacht van 3 op 4 december 1863 woedde een zeer zware storm in het Noordzeegebied en ook elders in Europa was het aan de kust aanhoudend uitzonderlijk zwaar weer. De hele week werd beheerst door storm; van het Skagerrak tot aan Zuid-Spanje hadden de kusten het hevig te verduren. Op 3 december was het overdag meteen als raak. In de loop van de dag bereikte het centrum van de depressie via de Britse eilanden de Noordzee, die door de orkaan werd opgezweept tot een ontembaar monster. In de avond van 3 december daalde het weerglas op Terschelling plotseling tot ongekende laagte. Het centrum van de depressie zou die nacht langs de Waddeneilanden trekken, een spoor van menselijk leed achterlatend. De Harlinger Courant berichtte later: ‘In de namiddag van de 3de december 1863 wakkerde de wind steeds meer aan en bereikte in het begin van de avond stormkracht. De bergplaatsen der locomotieven en wagons waren reeds vroeg ingestort. In de nacht begon het steeds harder te waaien, hetgeen gepaard ging met donder en bliksem, terwijl de storm haar grootste kracht scheen te bereiken. De volgende dag durfde zich haast niemand op straat te begeven, daar het hoogst moeilijk was om staande te blijven en de neerstortende dakpannen, schoorstenen, gevels of gedeelten daarvan iedere dreigde te verpletteren. Met het aanbreken van de dag zag onze stad er uit alsof zij een kanonnade had doorstaan. Overal puinhopen, aan alle zijden verwoesting en zelfs ingestorte gebouwen’.

Fritjof Dudok van Heel (Semarang, 19 april 1918) was de zoon van een administrateur van een suikerfabriek in de buurt van Kendal, ten westen van Semarang. Het gezin keerde na de crash van 1929 naar Europa terug en vestigde zich in 1932 in Bussum. In de zomer van 1938 behaalde Fritjof zijn diploma HBS-B aan het Christelijk Lyceum in Bussum. Aanvankelijk was hij vrijgesteld van militaire dienst vanwege ‘broederdienst’, maar die vrijstelling kwam te vervallen. Vanaf 10 oktober 1938 was hij in actieve dienst, per 2 januari 1939 bij het 1e Regiment Huzaren. Hij werd geplaatst op het depot van de cavalerie in Amersfoort: ‘alles meldt zich hier aan, tot de lichting 1929 toe. Dat zijn mensen die al zo’n veertien jaar uit de dienst zijn, getrouwde mannen, die nu net als de groenjassen (nieuwelingen), opnieuw afgericht moeten worden, door ons, piepjonge wachtmeesters.’ Als kornet was hij in de meidagen van 1940 commandant van het 3e peloton van het 3e eskadron van het 4e regiment Huzaren. Dat was gelegerd in Winssen, iets ten westen van Nijmegen in Gelderland. Al op 9 mei om 22.00 uur bereikten het eskadron alarmerende berichten. ‘Volgens vastgesteld plan werden de orders van Staf Brigade B, voor verhoogde en volledige strijdvaardigheid, uitgevoerd, waaronder bruggen bezetten, springladingen en versperringen aanleggen, e.d.’ In een verslag van 12 februari 1941 beschreef Dudok van Heel de oorlogshandelingen van de volgende vier dagen van zijn peloton. Op 12 en 13 mei raakten zij betrokken bij de gevechten rond Rhenen. Daarna moesten ze zich noodgedwongen terugtrekken. Toen het regiment op 14 mei in Achtersloot, ten zuidwesten van Utrecht, was gelegerd hoorden ze in de vooravond het bericht van de capitulatie. ‘Het 3e Peloton is gedurende alle oorlogsdagen volledig in de hand geweest. Er hebben zich geen ontvluchtingspogingen voorgedaan. Ordonnansen zijn steeds teruggekeerd en Huzaren die gewonden naar achteren vervoerden, hebben zich later weer teruggemeld bij hun commandant’, zo besloot hij zijn rapport. Fritjof meldde zich aan bij de School voor Suikerindustrie in de Van Breestraat in Amsterdam en werkte als volontair bij de Suikerfabriek Holland in Halfweg. Maar dat hij zich bij het verzet zou aansluiten, lag voor hem voor de hand: ‘Ben trouw aan Koningin verschuldigd, dus moet ook werken voor Vaderland. Daadwerkelijk meehelpen is wat anders dan met de mond.’ Hij was niet de enige in het gezin. Zijn jongere zus Mun was koerier bij de Geheime Dienst Nederland. De familie had onderduikers in huis en een stencilmachine voor verzetswerk. Zijn vader stierf aan een hartaanval op oudejaarsavond 1942, toen hij op straat werd aangehouden.
Bij de Ordedienst werd Fritjof verbindingsofficier. Zo verzorgde hij enige tijd de verbinding met de gewestelijke Ordedienst-organisaties in Friesland, Limburg, Overijssel en de Achterhoek en was betrokken bij de financiering van de organisatie door Auguste van Lennep. Na de arrestaties in de top van de Ordedienst, moest Fritjof samen met Chris Navis vanaf maart 1942 de organisatie overeind proberen te houden. Ze zagen elkaar eens in de veertien dagen, ‘waarbij wij elkaar in groote lijnen onze vorderingen mededeelden en beiden nogal geheimzinnig waren’, zo schreef Navis na de oorlog. Dudok van Heel was maar net ontkomen toen er begin maart een inval gedaan werd op zijn adres in de Piet Heinstraat. Zijn hospita had de Gestapo naar de bovenverdieping gestuurd, terwijl hij beneden sliep. Navis had vervolgens de spullen uit zijn kamer gehaald. Maar op 14 juli liep het fout. Cees van der Put, die sinds een maand als koerier van Dudok van Heel fungeerde, haalde hem op in Amersfoort, waar Fritjof bij zijn schoonzus logeerde. Daarna werden ze beiden opgepakt. Van der Put verraadde alles bij zijn verhoor en werd vrijgelaten. Dudok werd gevangen gehouden: tot 7 november 1942 verbleef hij in strenge Einzelhaft in Scheveningen, tot ongeveer 18 januari 1943 was hij geïnterneerd in Amersfoort, tot 12 maart in Vught.
The Animals was de naam van een Engelse groep, die deel uitmaakte van de Britse beat-explosie van begin jaren zestig. De blikvanger van The Animals was zanger Eric Burdon, klein van postuur maar met een gigantische stem, echter het muzikale genie achter de groep was onmiskenbaar Alan Price. Price vormde in 1961 in Newcastle, samen met bassist Chas Chandler, drummer John Steel en gitarist Hilton Valentine The Alan Price Rhythm and Blues Combo. De leden kenden elkaar van school of uit het kleine jazz- en bluescircuit van Newcastle. Toen een jaar later Eric Burdon er als zanger bij kwam, veranderde men de naam in
Gerhard Albrecht von Graevenitz (Schilde, 19 september 1934 – Habkern, 20 augustus 1983) was een Duits beeldend kunstenaar. Hij was het jongste kind met drie broers en een tweelingzus uit het oeradellijke geslacht Von Graevenitz en een zoon van de Pruisische Landrat Dr. Hartwig von Graevenitz, heer van Schilde (1877-1945) en Margarethe Freiin von Feilitzsch (1896-1974), dochter van minister en minister-president Friedrich Freiherr von Feilitzsch (1858-1942). Gerhard trouwde in 1967 met kunsthistorica en hoogleraar prof. dr.
Van het ‘arbeiders-schrijverscollectief’
Adrianus Aloijsius Felix (Lex) Althoff (Haarlem, 12 september 1904) was een Nederlands journalist, die in 1924 zijn loopbaan begon bij het Haarlem’s Dagblad. Hij trouwde op 2 februari 1927 met Elisabeth van Loenen. Hij was katholiek opgevoed, maar in 1932 zette hij daar een punt achter. Hij volgde als journalist nauwgezet de ontwikkelingen in nazi-Duitsland en schreef daarover romans. Daarna ging hij op 1 februari 1932 voor Het Volk werken. Hij werd daar chef van de nachtredactie. Omdat hij niet bij een nationaalsocialistische krant wilde werken, nam hij op 20 juli 1940 ontslag bij Het Volk. Hij ging in het verzet en was vanaf het begin medewerker bij de illegale krant Het Parool. Na een onenigheid in de redactie in maart 1942 stopte hij zijn medewerking. Althoff zou begin 1942 op uitnodiging van de regering in ballingschap als vervanger van Koos Vorrink naar Londen proberen te reizen. Erik Hazelhoff Roelfzema en Chris Krediet 
Ralph Vaughan Williams (Down Ampney, Gloucestershire, 12 oktober 1872 – Londen, 26 augustus 1958) was een Brits componist en dirigent, die in het algemeen wordt beschouwd als een van de belangrijkste componisten van Groot-Brittannië. Vanwege de nadruk binnen zijn
Christiaan Boers (Den Haag, 24 oktober 1889 – Oranienburg, 3 mei 1942) was een Nederlandse beroepsmilitair, kapitein bij de Koninklijke Landmacht. Hij bracht zijn jeugd door in Den Haag. Zijn ouders stuurden hem naar een particuliere school en daarna begon hij aan een militaire opleiding. Na de Koninklijke Nederlandse Militaire Academie in Breda en komt hij in Amersfoort terecht. In 1921 woonde de Eerste Luitenant der Infanterie op de Utrechtseweg 100, was hij getrouwd met Helena Wiepkes uit de gemeente ‘Wijk aan Zee en Duin’ en ze had het echtpaar twee zoontjes, Henk (1919) en Dirk (1921). Het huwelijk met Helena liep echter op de klippen en eind twintiger jaren volgde een echtscheiding. In 1933 trouwde hij opnieuw, met de 26-jarige Janna Metz . Christiaan was toen al bevorderd tot Kapitein der Infanterie.
De Slag om de Afsluitdijk geldt in veler ogen nog steeds als een poging van nazi-Duitsland om in mei 1940 de Afsluitdijk in te nemen. Een poging die mislukte door heldhaftig optreden van de ongeveer 255 Nederlandse soldaten, onder aanvoering van Christiaan Boers, de commandant van de
65e HINK-STAP-SPRONG DOOR DE TIJD
Christiaan Frederik van den Berg (Arnhem, 27 juli 1901) was een kapitein der infanterie die actief was in het verzet in Den Haag voor de Ordedienst. Hij hield zich vooral bezig mer het verzamelen van inlichtingen. Hij was getrouwd met 
RY X (wiens echte naam Ry Cuming is), is een Australische singer-songwriter en muzikant, die blijkbaar ook een begenadigd surfer was. Hij begon vanaf zijn zestiende serieus muziek te maken en songs te schrijven. De directe inspiratiebron hiervoor was het album Grace van Jeff Buckley. Een andere belangrijke inspiratiebron was de muziek van Pearl Jam. Hij verhuisde rond 2008 naar Los Angeles, Californië, waar hij een contract kon tekenen bij Jive Records en hier in 2010 zijn debuutalbum kon uitbrengen. Een album dat nog gewoon de eigen naam had. Aansluitend toerde hij een tijdje als openingsact bij de concerten van Maroon 5. In 2014 werd hij de leadsinger van de band 

Het werk van 
Jhr Willem Theodoor Cornelis van Doorn (Den Haag, 31 mei 1911 – Leusderheide, 29 juli 1943) zat op de lagere school in Den Haag en Gouda en daarna op het gymnasium in Den Haag en Kampen. In 1931 ging hij rechten studeren in Leiden. Hij was race-roeier en voorzitter van de Pro Patria. Na zijn kandidaats stopte hij met zijn studie om zich verder aan de 
Al Stewart schreef een geweldig nummer over reïncarnatie, wat de religieuze of filosofische opvatting is dat het niet-lichamelijke deel van een levend wezen (de ziel of geest) na de dood niet verdwijnt maar opnieuw in een ander levend wezen geboren wordt. Vaak wordt gedacht dat het een gedachte is die voortgekomen is uit het hindoeïsme,maar in werkelijkheid hebben alle culturen en geloven dit geloof in de zielsverhuizing wel gekend. Het is weinig bekend maar aanvankelijk geloofden ook christenen in reïncarnatie. Het idee behoorde zelfs tot de officiële leer van de kerk. Pas bij het tweede Concilie van Constantinopel in 553 besloot men om zielsverhuizing te schrappen. Reïncarnatie geeft mensen immers een kans om fouten uit het huidig leven in het volgende te herstellen. Dit paste niet langer in het kraam van de katholieke machthebbers. De kerk wilde steeds meer grip en invloed op de ongeletterde en ongeschoolde massa hebben, dus moesten de gelovigen voortaan sidderen en beven voor het hiernamaals. Geen tweede kans meer om blunders uit het huidige leven te herstellen. Voor fouten en zonden bestonden nog de hel of in het gunstige geval een langdurige kwelling in het vagevuur. De gedachte aan reïncarnatie wint weer aan populariteit, hoewel de meesten het nog steeds de reinste onzin vinden. Na de dood lig je toch gewoon in een graf en meer is er niet? Waarom zou er meer zijn? Maar is het geen mooie gedachte dat men in een vorig leven beroemd en rijk is geweest, dat men toen een avontuurlijk leven had, dat men … alles had en beleefde dat men nu ontbeert. Is het ook geen mooie verklaring om soms vage déjà vu-ervaringen te verklaren. Zeker weten dat je hier nog nooit bent geweest en toch zo’n sterk gevoel heeft dat alles bekend voor komt. Ben ik hier misschien in een vorig leven geweest. Al Stewart schreef er een nummer over, uiteraard over een muzikant die op op het podium meent van alles en nog wat vaag te herkennen. Hieronder ook de integrale tekst van One Stage Before.
63e HINK-STAP-SPRONG DOOR DE TIJD
Anton Willem Marie (Ton) Abbenbroek (Den Haag, 9 december 1917), in het verzet ook bekend onder de schuilnaam Thierens, maar binnen de groep werd hij door zijn medestrijders/vrienden ‘Ab’ genoemd. Hij was bij het uitbreken van de oorlog cadet aan de Koninklijke Militaire Academie te Breda. In de zomer van 1940 namen Abbenbroek en jonkheer Joan Schimmelpenninck, alias ‘Oom Alexander’, het initiatief om een verzetsorganisatie op te richten. Hij deed verzetswerk als verbindingsofficier van de inlichtingengroep. Nadat Schimmelpennink op 13 november 1941 was gearresteerd nam hij samen met Gerard Dogger tijdelijk de leiding van de Ordedienst op zich. Zijn woonadres in Den Haag functioneerde toen als hoofdkwartier van de Ordedienst). 
Maurice Ravel (Ciboure, 7 maart 1875 – Parijs, 28 december 1937) was een Frans componist, die wordt beschouwd als een van de voornaamste componisten van de twintigste eeuw en, met zijn oudere landgenoot Claude Debussy, als de belangrijkste impressionist in de klassieke muziek en als voorloper/initiator van het expressionisme. Hij werd geboren aan de kust in Frans-Baskenland nabij de Spaanse grens en was van moederszijde van Baskische afkomst. Zijn vader was een ingenieur uit Franstalig Zwitserland. Nog in Ravels geboortejaar verhuisde het gezin naar Parijs.Hij kreeg op zevenjarige leeftijd zijn eerste pianolessen en werd in 1889 toegelaten aan het Parijse conservatorium, maar hij maakte zijn pianistenopleiding niet af. Na zijn voortijdige vertrek van het conservatorium keerde hij er in 1897 terug om bij Gabriel Fauré compositielessen te volgen. Tijdens zijn compositieopleiding deed Ravel verschillende vergeefse pogingen om de Prix de Rome te winnen. Niettemin begon Ravel naam te maken als componist, aanvankelijk met pianomuziek en liederen en later ook met orkestmuziek. Tot zijn vroegere werken behoren de kleine opera L’Heure espagnole (1907) en de Rhapsodie espagnole voor orkest (1907/8), die beide Ravels voorliefde voor Spanje verraden, en de beroemde Pavane pour une infante défunte (1909). Voor de
Jonkheer Joan Schimmelpenninck (Rhenen, 30 september 1887 – Leusderheide, Amersfoort, 29 juli 1943), binnen de vriendenkring Jaat genaamd, wasirecteur van hert Nederlandse kantoor van de Franse wijnfirma Mähler-Besse & Cie uit Bordeaux, die in Nederland twwe kantoren had, in Amsterdam aan de Prinsengracht en in Den haag aan de Anna Paulownastraat. Hij was een aangetrouwde neef van de luitenant-generaal b.d., oud-commandant Veldleger jonkheer W. Röell. Hij was goed ingevoerd in de hogere kringen in het Amsterdamse en Haagse wereldje.
Dirck Jaspersz. van Baburen (Wijk bij Duurstede (vermoedelijk), ca. 1595 – Utrecht, 21 februari 1624) was een Nederlands schilder, die gerekend wordt tot de Utrechtse caravaggisten. Al o jonge leeftijd verhuisde zijn familie naar Utrecht. In 1611 was Dirck in de leer bij de kunstschilder
De interne beveiliging van de 
BAP is een van de bekendste Duitse rockbands, we hebben in december 2018 het nummer 

Willi Gustav Erich Jaeckel (Breslau, 10 februari 1888 – Berlijn, 30 januari 1944) was een Duitse schilder, die geldt als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van het Duitse Expressionisme. Van 1906 tot 1908 was hij leerling aan de kunstschool in Breslau, het huidige Poolse Wroclaw. Vanaf 1908 volgde hij een studie aan de 
Tussen 1797 en 1815 voerde Frankrijk maar liefst zeven zogenaamde coalitie-oorlogen tegen een wisselende bundeling van krachten van Europese landen. Bij de
Pierre Versteegh (Kedung Banteng, Centraal-Java, 6 juni 1888 – Sachsenhausen, 3 mei 1942) was een Nederlands luitenant-kolonel der artillerie, een olympisch springruiter en verzetsman. Hij was een broer van generaal
Over Hattie Maddens, bijgenaamd ‘The Mad Hatter’, werd in het bijschrift van de foto vermeld dat ze in 1883 de weinig begerenswaardige titel The Most Scary Woman in the UK won en werd verder opgemerkt dat ze de enige vrouw die ooit wereldkampioen boxen in het zwaargewicht was door in 1883, ik veronderstel dat ze daaraan de reputatie van meest angstaanjagende Britse vrouw te danken had, in een onderling gevecht de Schotse pugilist Wee Willy Harris in de eerste ronde knock-out te slaan. Ze zou verder de zachtaardigheid zelve zijn geweest en zich na haar afscheid uit de ring in Ierland hebben gevestigd om veeboer te worden. Er kunnen grote vraagtekens bij dat kampioen-schap worden gezet, want in geen enkele lijst komt haar naam voor en ook Wee Willy Harris is nergens in de archieven te bespeuren. Wel documentatie dat de Amerikaanse bokser 
Brian Eno (Woodbridge, Suffolk, 15 mei 1948) is een Britse muziekproducent en elektronisch muzikant. Zijn volledige naam is te wonderschoon om niet voluit weer te geven: Brian Peter George St. John le Baptiste de la Salle Eno. In 1971 richtte hij samen met Bryan Ferry (zang, toetsen) de rockgroep
Arnold Borret (Maastricht, 28 oktober 1848 – Paramaribo, 6 februari 1888) is een Nederlandse jurist die actief werd in de kolonie Suriname als rechter, priester en kunstenaar. Zijn teken- en schilderwerk geeft een breed beeld van het Suriname op het eind van de negentiende eeuw. Hij stamde uit een voorname Bossche, katholieke familie. Zijn vader
Koeno Henricus Eskelhoff Gravemeijer (Oosthem, gemeente Wymbritseradeel, 25 februari 1883 – Wassenaar, 13 februari 1970) was een Nederlandse calvinistische predikant, secretaris van de Algemene Synode van de Nederlandse Hervormde Kerk en, samen met kardinaal de Jong, leider van het kerkelijk verzet in de Tweede Wereldoorlog. Hij was afkomstig uit een oud Oostfries predikantengeslacht. Hij studeerde theologie aan de Rijksuniversiteit Utrecht en werd eerst hulpprediker in Leeuwarden en daarna predikant in Giessen-Oudekerk (1911), Voorburg (1915) en Den Haag (1920). Gravemeijer trouwde in 1911 met Baukje van Popta, die op 23 oktober 1930 zou overlijden. Hij werd bekend als boeiend prediker, ijverig pastor en bekwaam organisator. Binnen zijn calvinistische traditie was hij sterk beïnvloed door
André Kertész (Boedapest, 2 juli 1894 – New York, 28 september 1985) maakte in 1933 het fotoboek Distortion, waarvoor veel ophef ontstond.
62e HINK-STAP-SPRONG DOOR DE TIJD
Darkwood is een Duitse neofolk-band uit Dresden, die in 1997 werd opgericht. De vroege wortels van het genre liggen in de jaren zeventig en tachtig en ontstond uit de punk, golthic en industrial muziek. Het is dus geen folkgenre, hoewel de naam neofolk wel de indruk wekt. De muziek werd voortgebracht met een soortgelijk instrumentarium als folk maar de composities en klankkleuren lagen dichter bij industrial en gothic dan bij originele folk. Tijdens de jaren negentig werden steeds meer bands actief. Door het gebruik van Germaanse, heidense en (sporadisch) fascistische en nazi-symboliek binnen dit genre worden veel bands vaak als extreemrechts gezien, maar dit blijkt in de praktijk slechts bij enkele projecten het geval te zijn. Het antifascistische tijdschrift Alert! schrijft veelvuldig over door hen fout geachte neofolk-bands. Darkwood is binnen dat genre wel een van de bands die het dichtst de term folkgroep benard, want ze hebben veel akoestische nummers. De band bestaat vanaf hert begin uit Henryk Vogel en de celliste Nadja Stahlbaum. Sinds het album Notwendfeuer uit 2006 werd de samenstelling van Darkwood uitgebreid met Manuela Zankl (accordeon, begeleidende zang) en Valentin (viool) en daarnaast werkt een keur aan muzikanten uit de neofolk-scene mee aan bepaalde nummers en bij liveoptredens. Vanaf 2004 is de stijl bijna geheel gericht op akoestische gitaar, cello en viool,waarmee zowel de rustige, melancholische nummers als de ruigere nummers worden gespeeld. Qua teksten laat Darkwood zich erg inspireren door historische, mystieke en heidense thema’s, waaronder de gedichten van onder meer
André Kertész (Boedapest, 2 juli 1894 – New York, 28 september 1985) was een uit Hongarije afkomstig fotograaf, die daar als Andor Kertész werd geboren. Hij was de zoon van de Joodse boekhandelaar
Willem Idenburg (Gouda, 18 februari 1904 – Neustadt, 27 april 1945) was een Nederlands verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij was aannemer van stukadoorswerk van beroep, was lid van de Ordedienst en later van de Binnenlandse Strijdkrachten en was actief in het lokale verzet in Gouda, waarbinnen hij de belangen behartigde van onderduikers en Joden Zo was hij betrokken bij illegale transporten van bijvoorbeeld wapens of voedsel voor onderduikers. Als eigenaar van een stukadoorsbedrijf beschikte hij over vervoersmiddelen die het verzet goed kon gebruiken bij deze illegale wapendroppings en andere transporten. Tijdens een van die transporten werd hij herkend, vervolgens verraden en op 21 februari 1945 in Gouda gearresteerd. Een poging om hem tijdens zijn transport naar Rotterdam te bevrijden mislukte. Via het ‘Oranjehotel’, de strafgevangenis in Scheveningen waar veel verzetsstrijders gevangen zaten, kwam hij in kamp Amersfoort terecht. Met het allerlaatste transport uit dat kamp werd hij vervolgens overgebracht naar het Duitse concentratiekamp Neuengamme, zo’n dertig kilometer ten zuidoosten van Hamburg. Een brief van 21 maart 1945 is het laatste levensteken dat zijn vrouw en kinderen van hem ontvingen. Nadat de Duitsers eind april 1945 op de vlucht voor de geallieerden dat kamp ontruimden, zetten ze de gevangenen vast op drie passagiersschepen in de Lübeckerbocht. Op 27 april 1945 overleed Willem Idenburg, verzwakt door alle ontberingen, aan boord van het schip Cap Arcona. Nog geen twee weken later was de oorlog voorbij.
Jef Jozef Verheyen (Itegem 6 juli 1932 – Apt, 2 maart 1984) was een Belgisch kunstschilder. Hij studeerde aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten te Antwerpen en bij
Ik was een opgeschoten lummel van 15 of 16 jaren toen ik voor het eerst eene begrafenis bijwoonde. Wel was ik vroeger van uit de verte getuige geweest van de handeling, maar een deel van een stoet had ik nog niet uitgemaakt. De moeder van mijn nêné, die dikwijls hare dochter bezocht en op die wijze eene ‘bekende’ was geworden, stierf, en op verzoek van nêné en op gebod van moeder, moest ik mij klaarmaken om de uitvaart met mijne tegenwoordigheid te vereeren. Ik had pas een nieuw lakensch pakje gekregen, dat alleen op Zon- en feestdagen mocht aangetrokken worden, en ik was – ronduit gezegd – blij, dat er eene gelegenheid was, om mij op m’n best voor te doen. Als huisgenoot van rêné en als eenige vertegenwoordiger van ’t blanke ras bij de plechtigheid, voelde ik mij heel trotsch, en beeldde mij in, dat mij een grooter deel van den roem toeviel, dan in werkelijkheid het geval was. De inbeelding verdween toen de rechthebbenden ten toneele verschenen. Ik bedoel door ‘rechthebbenden’ zij, die eene rol te vervullen hadden – eene rol! terwijl ik slechts figurant was.
Mathilde Santing (Amstelveen, 24 oktober 1958) is de artiestennaam van Mathilde Eleveld. De vader van de Nederlandse zangeres was piloot bij de KLM en haar moeder lerares. Thuis zat het gezin steeds naar muziek te luisteren. Voor de jonge Mathilde was een speciale muziekkamer en dansvloer gemaakt waar ze naar de muziek van haar bandrecorder kon luisteren. Toen ze vijf jaar oud was ging ze op muziekles op de Amstelveense Muziekschool. Van haar elfde tot haar negentiende volgde ze zangles. Tijdens haar middelbareschooltijd speelde ze in verschillende bandjes van haar broers en trad ze op in cafés met een pianist. Eerst deed ze die optredens nog onder haar eigen naam, maar later als
61e HINK-STAP-SPRONG DOOR DE TIJD
Joe Donoghue (Newburgh, 11 februari 1871 – New York, 1 april 1921 was een Amerikaans langebaanschaatser. Hij werd geboren in een gezin met twee broers en drie zussen die ook allen verdienstelijk schaatsten. Donoghue reed zijn wedstrijden op schaatsen die veel langer dan gebruikelijk waren in die tijd. Hierdoor kon hij met zijn handen op zijn rug rijden en had hij een veel rustiger slag dan zijn tegenstanders. Iets wat hem waarschijnlijk veel voordeel bood. Hij had de eigenaardige gewoonte om tijdens het schaatsen voortdurend zijn neus te snuiten in een primitieve zakdoek.
Jan Janssens (Gent, 1590 – Gent, omstreeks 1650) was een Vlaams schilder en tekenaar die wordt beschouwd als de belangrijkste van de zogenaamde Gentse caravaggisten. Het
Salvatore Benintende, die werkt onder de artiestennaam TVboy staat bekend om zijn provocerende straatkunst. Hij werd in 1980 in Palermo op Sicilië geboren, maar groeide op in Milaan. Daar begon hij toen hij nog maar net zestien jaar oud was met zijn eerste straatschilderingen. Later ging hij in Milaan naar de Politechnico-school om grafisch ontwerper te worden. Daar nam hij ook de naam TVboy aan. Hij woont inmiddels in Barcelona, waar hij zijn werken ontwerpt en in de straten tot uitvoering brengt. Zijn eerste faam kreeg hij door de geruchtmakende schildering Amor Populi, waarin de twee rechts-radicale politici Salvini en Di Mayo elkaar hartstochtelijk kussen. Die hartstochtelijke kus zou daarna wel een terugkerend thema worden in zijn werk. Een van de fraaiere is de innige omhelzing van de paus en Trump. In een andere kijken Messi en Ronaldo elkaar diep in de ogen. Van Messi maakte hij ook een aantal geweldige straatschilderingen onder meer in in de bekende pose van Che Guevara. Zijn stijl is duidelijk beïnvloed door de Amerikaanse pop-art uit de zestiger jaren (Andy Warhol, Roy Lichtenstein) en de latere werken van Keith Haring. Hij heeft zich echter ook sterk laten inspireren door grootheden uit het verleden, zoals Leonardo, Botticelli, Michelangelo. Zijn werken zijn vaak nogal controversieel, reden voor de overheden om ze weer snel te verwijderen. Dat accepteert 
Sharon Kovacs (Baarlo, 15 april 1990) is een Nederlandse zangeres, die optreedt onder de artiestennaam Kovacs. Ze bracht in augustus 2014 haar eerste single uit, My Love.
In 1879 bezocht
In 1879 bezocht Jacques Perk de Belgische Ardennen en bezocht daarbij de grotten van Han-sur-Lesse nabij Rochefort, waar hij de Franstalige schoonheid Mathilde Thomas leerde kennen. Hij werd smoorverliefd op haar, met een bijna goddelijke verering. Thuis werd het de inspiratie om zich op het dichten te werpen. Hij ging Mathilde in verzen herscheppen, in een reeks van honderd sonnetten, die hij onder de titel Mathilde, een sonnettenkrans wilde doen uitgeven. Een selectie daaruit werd echter nergens geplaatst. In 1880 begon hij een rechtenstudie in Amsterdam en leerde daar de jonge dichter
De Duits-Oostenrijkse historica Brigitte Hamann, die eerder in 1996 het onvolprezen “Hitlers Wien” schreef over de armoedige jaren van Hitler in Wenen in de jaren 1908-1913 en de verwoestende invloed die deze toenmalige smeltkroes van volkeren op zijn verwarde geest moet hebben gehad, vertelt nu het ongelofelijke verhaal van de Joodse armenarts Eduard Bloch en zijn gezin. Bloch was de voormalige huisarts van de familie Hitler en was zo zorgzaam en behulpzaam geweest bij de ziekte en het overlijden van Hitlers moeder, dat het een onvergetelijke indruk op de latere Führer maakte. Toen ruim dertig jaar later Oostenrijk door de Anschluss deel ging uitmaken van het grote Duitse Rijk stond de eenvoudige huisarts vanaf dag één onder de uitdrukkelijke bescherming van Adolf Hitler. “Das ist eine Edeljude. Wenn alle Juden so wären, gäbe es keinen Antisemitismus”, zou Hitler later over Bloch opmerken.
Johan Hendrik Westerveld (Haarlem, 21 augustus 1880 – Sachsenhausen, 3 mei 1942) was militair tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Westerveld was aan de Koninklijke Militaire Academie in Breda opgeleid tot beroepsofficier bij het Wapen der Artillerie, waar hij op 1 augustus 1901 werd benoemd tot tweede luitenant. Later vervulde hij onder meer de functie van Commandant School Reserve-Officieren Bereden Artillerie (SROBA). Gedurende zijn diensttijd leerde hij P.M.R. Versteegh kennen, met wie hij tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet zou samenwerken. In 1920 verliet hij de militaire dienst om een functie te aanvaarden bij de firma Van den Bergh & Jurgens in Rotterdam. Van 1929 tot 1939 was hij namens deze firma bedrijfsleider van de vestiging in het Duitse Goch. Hij maakte dus van nabij de opkomst mee van het nationaalsocialisme in Duitsland. Op 30 oktober 1939 werd hij gemobiliseerd in de rang van van luitenant-kolonel. In de eerste dagen van mei 1940 was hij eerst werkzaam bij de Inspectie der Artillerie; vanaf 12 mei 1940 kwam hij terecht bij het Artillerie Commando Vesting Holland, waarvan het hoofdkwartier in Den Haag was gevestigd. Op 30 mei 1940 werd hij gedemobiliseerd.
Mike Oldfield behoeft geen introductie. Sinds ik zijn Tubular Bells voor het eerst op de radio hoorde, ben ik helemaal aan hem verknocht. Ik moet een van de eersten in Nederland zijn geweest die dat album heeft gekocht en nog steeds, bijna vijftig jaar later, zijn er niet veel weken dat ik Tubular Bells niet een keer heb gedraaid. Dat kan in de oorspronkelijke versie zijn, in de live-versie die hij ooit voor de BBC heeft opgenomen of de orkestrale opname die in de tachtiger jaren verscheen. Of van het Australische duo Aidan Roberts en Daniel Holdsworth, waarvan ik in 2012 in Doetinchem een live-uitvoering van Tubular Bells bijwoonde en natuurlijk ook de cd kocht. Nu acht jaar later treedt het tweetal onder de naam
De Nederlandse Arbeidsdienst (NAD) werd op 15 oktober 1940 opgericht, een fusie van de in juli 1940 in het leven geroepen
Verhaal van de schrijfster
Alexander Taratynov (1956) is een Russisch-Nederlandse beeldhouwer en medailleur (ofwel een ontwerper van penningen en munten). Hij studeerde in Moskou in de jaren 1967-1974 aan het Kunstlyceum en aansluitend van 1975-1981 aan de Kunstacademie Soerikov, afdeling beeldhouwen. Deze kunstacademie is vernoemd naar de schilder 

Londonbeat was een popgroep uit Londen, die in Nederland vooral bekend van hun hit I’ve been thinking about you uit 1990, die een paar weken op nummer 1 van de hitparade stond. Het begin van het succes van Londonbeat is in Nederland, want in ons land scoorden ze met There’s A Beat Going On hun eerste top-20 hit. Londonbeat werd gekenmerkt door hun close harmony. Pas hun vijfde single I’ve been thinking about you werd een grote internationale hit. Ook in de Vs zou het nummer op nummer 1 staan en vijf maanden lang in de hitcharts verblijven. Zanger
De Nederlandse Opbouwdienst (N.O.D.) werd op 15 juli 1940 opgericht door de Nederlandse overheid, die op dat moment al door de Duitse bezetters werd aangestuurd. Het as een overgangsorganisatie die als doel had te zorgen dat de ontmanteling van het Nederlandse leger in de bezettingstijd ordentelijk zou verlopen. Er was in Nederland nog steeds een behoorlijk hoge werkeloosheid en de Duitsers wilden ervoor zogen geen onvrede in de Nederlandse samenleving te laten ontstaan door een verdere stijging van het werkloosheidspercentage doordat er vele ontslagen binnen defensie zouden moeten worden gedaan. Na de Nederlandse capitulatie in mei 1940 was het verslagen Nederlandse leger an 270.000 man in zijn geheel door de Duitsers krijgsgevangen verklaard. Daarvan werden 30.000 man naar Duitsland overgebracht, de overige militairen moesten in de kazerne blijven. Maar al in juni 1940 mocht iedereen weer naar huis, een gebaar van de bezetters om de Nederlanders gunstig te stemmen. Er werden 60.000 werkloze ex-soldaten ondergebracht in de Nederlandse Opbouwdienst, een organisatie die moest helpen bij het herstel van de oorlogsschade in Nederland. Dat beleid was een voortzetting van een eerder
Domenico “Mimmo” Rotella (Catanzaro, 7 oktober 1918 – Milaan, 8 januari 2006) was een Italiaans beeldend kunstenaar. Hij werd bekend om zijn vroege 

De Belgische beeldhouwer 
Asaf Avidan (Jeruzalem, 23 maart 1980) is een Israëlische singer-songwriter en muzikant. Hij is tevens frontman van de folkrock-band Asaf Avidan & The Mojos. Zijn stem wordt vaak vergeleken met die van Janis Joplin en Robert Plant. Zijn ouders waren diplomaten voor het Israëlische ministerie van Buitenlandse Zaken. Zijn kinderjaren bracht hij door op Jamaica. Na zijn dienstplicht in Israël studeerde hij aan de Bezalel Academy of Art and Design in Israël. Na zijn studie verhuisde hij naar Tel Aviv en werkte daar als animator. Nadat zijn relatie met zijn vriendin was verbroken nam hij ontslag en keerde weer terug naar Jeruzalem en richtte zich op zijn hobby, muziek. In 2006 richtte hij de band Asaf Avidan & The Mojos op. The Mojos bestaan uit bassist Ran Nir, drummer Yoni Sheleg, gitarist Roi Peled en cellospeler Hadas Kleinman. De band bracht drie albums uit. In 2012 werd hij ook in Nederland en Vlaanderen bekend nadat de Duitse house- en techno-dj Wankelmut (Jacob Dilßner) een 
Jef Lambeaux (Antwerpen, 14 januari 1852 – Brussel, 5 juni 1908) was een Belgisch beeldhouwer met een Waalse vader en een Vlaamse moeder. Door die dubbele beïnvloeding voelde hij zich een echte Belg. Hij is ook de broer van de kunstschilder
Francesco Ballesio (Turijn, 1860 – Tivoli, 1923) was een Italiaanse schilder die zeer gespecialiseerd was in schilderijen met oriëntalistische voorstellingen, waaronder behoorlijk wat odalisken. Zelf was hij nooit in het Midden-Oosten geweest, zodat hij zich bij zijn schilderijen geheel baseerde op fotowerk van de Oriënt. Hij studeerde in zijn geboorteplaats aan de 
Het gelegenheidsduo Jon Anderson and Vangelis nam in 1981 het album The Friends of Mr. Cairo op, hun tweede samenwerking nadat tot hun verbazing hun eerste gezamenlijke album Short Stories goed werd verkocht. In Nederland kwam het zelfs op nummer 1 in de albumlijst. Het album verscheen al vroeg nadat de compact disc zijn intrede had gedaan op dat medium. Het album werd opgenomen in Parijs, Davout Studio en Londen, Nemo Studio van Vangelis zelf. Op de eerste versie ontbrak I’ll Find My Way Home, dat een onverwachts succes werd en vanaf de tweede versie in 1983 werd toegevoegd met op de hoes daarvan een speciale vermelding. Het album bevatte ook nog een andere single,die voor hen geen grote hit werd maar later wel voor de soulzangeres Donna Summer en weer later voor de punk- en new wave-zangeres Chrissie Hynde.
Jean Pénicaud II (1515-1588) was een van de leden van de beroemde Franse
Albert Hemelman (Neede, 7 januari 1883 – Amsterdam, 25 januari 1951) was een Nederlandse graficus, kunstschilder, tekenaar, etser, boekbandontwerper, en lithograaf. Hij was een van de drie zoons van Antoine Hemelman en Berendina Willink. Zijn vader was smid en de bedoeling was dat hij en zijn twee oudere broers ook smid zouden worden. Hij kwam in eerste instantie als leerling-huisschilder in dienst van de firma Sprokkereef in zijn geboorteplaats. In plaats echter dat hij de huizen van een verflaag voorzag, zat hij in de dakgoot en tekende en schilderde het dorp met zijn vele mooie hoekjes. Het was duidelijk: Albert wilde echter kunstschilder worden en koos voor een artistieke opleiding. Zijn opleiding genoot hij in 1905 aan de Rijksnormaalschool voor Kunstnijverheid en van 1908 tot 1909 aan de Rijksakademie van beeldende kunsten beide in Amsterdam. Hij was een leerling van
Walter W. Winans (5 april 1852 – 12 augustus 1920) is een apart heerschap geweest. Iemand met vele talenten en een onwaarschijnlijk divers leven. Hij was de zoon van het Amerikaanse echtpaar William Louis Winans en Maria Ann de la Rue, die op het moment van zijn geboorte in het Russische Sint Petersburg woonde. In 1836 was in het keizerrijk begonnen met de aanleg van spoorwegen met een bescheiden lijntje van 27 kilometer. Na een studiereis van twee ingenieus naar de Verenigde Staten drong pas goed door welke enorme economische en culturele voordelen de aanleg van een groots spoorwegennetwerk zou hebben. Binnen de geplande industriële revolutie voor Rusland, dat op dit punt ver achter liep op de rest van de westerse wereld, zouden de spoorwegen een belangrijke rol moeten gaan spelen. In 1842 werden plannen ontwikkeld voor een
60e HINK-STAP-SPRONG DOOR DE TIJD
Rum (1969-1983) was een Belgische Nederlandstalige folkgroep, die invloeden uit de Engelse/Ierse folk en Vlaamse traditionele muziek combineerde. Hun bekendste liedje is Ik hou van alle vrouwen (1974). Rum werd als trio in 1969 opgericht door Dirk Lambrechts, Paul Rans en Wiet Van de Leest. Dirk Lambrechts vertrok al in 1972, voordat de groep echt zou doorbreken. Hij werd vervangen door Dirk Van Esbroeck, die als zanger met zijn karakteristieke stem tot de opheffing van de groep in 1983 de gezichtsbepalende figuur zou worden. 


Laurens Rijnhart Beijnen (Brummen, 23 september 1896 – Brummen, 13 april 1945) was een Nederlands verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij was lid van de 